Posts tonen met het label México City. Alle posts tonen
Posts tonen met het label México City. Alle posts tonen

donderdag 17 juni 2010

The End.

En dan is het voorbij. Daar kan je niet onderuit. Aan alle mooie liedjes komt een einde. Maar laten we het positief bekijken en het een begin noemen. Een begin betekent namelijk het einde van een ander begin. Totdat dat begin weer plaatsmaakt voor een ander begin. En Up with People is, buiten zovele andere dingen, zeker een springplank naar zoveel meer kansen. Dus ik sta positief tegenover de toekomst en daarom noem ik dit een begin.

Ja, denk je nu, allemaal goed en wel, maar hoe zag die laatste week er nu uit? Wel, ik werd tot mijn grote verrassing opgehaald door mijn Host Family van vorig semester. De fantastische familie Minutti – Funes, die één van mijn favoriete families was en die ik met spijt in het hart had moeten achterlaten toen ik naar huis terugkeerde met mijn gebroken voet. Maar nu was ik dus tot mijn grote verrassing terug, wat inderdaad zo aanvoelde: het leek alsof ik terug thuiskwam. Mijn mama Laura en papa Rafael waren heel blij me weer bij hen te hebben en mijn zus Andrea (18 jaar oud), broer Aldo (16) en zusje Alexia (7) waren door het dolle heen! Dit was de perfecte setting voor een laatste en onvergetelijke week.

Van het begin af voerden we de gesprekken die je nooit zou kunnen voeren als je slechts een week bij een familie verblijft. We konden een stap verder zetten, voorbij de alledaagse gesprekken, geen nood meer aan fatisch taalgebruik. Het leek ook alsof ik nooit was vertrokken. Alsof ik thuiskwam na een tijdje te zijn gaan rondtrekken in de Filippijnen, de Verenigde Staten en dat kleine landje dat België werd genoemd. Ik was heel opgelucht en voelde me heel erg op mijn gemak.

Daar was spijtig genoeg wel niet veel tijd voor, aangezien er een gestoord programma gepland was. Laat ik even een overzicht geven van de Host Drop Off en Host Pick Up uren. Dat was op dinsdag 8:00 am tot 9:00 pm en woensdag 8:00 am tot 6:45 pm, wat de rustige dagen waren. Nadien begon het feest op donderdag van 7:00 am tot 1:00 am – inderdaad ’s nachts dus – gevolgd door vrijdag 3:30 pm – wat dus betekende dat we een een Host Family voormiddag hadden – tot 10:30 pm en dan de laatste driedaagse: zaterdag 6:30 am tot 11:30 pm, zondag 10:30 am tot 10:30 pm en maandag 6:30 tot 10:30. Ik weet dat dit veel nummers zijn, maar ik wou het overzicht geven, zodat het duidelijk was dat ik dus bijna nooit thuis was geweest. ’s Ochtends was iedereen druk bezig zich klaar te maken om te vertrekken voor school of werk, waar dus niet veel tijd was om iets te doen en ’s avonds kwam ik het grootste deel van de tijd toe toen iedereen reeds naar bed was gegaan of net op het punt stond om dat te doen.

Maar we hadden onze rustige woensdagavond, die heel gezellig was, en dan was er vrijdagvoormiddag, wat dus de Host Family Morning was. Op die dag was er een zeer speciale gebeurtenis, niet enkel voor mij, maar voor de gehele Mexicaanse bevolking. Mexico kwam die ochtend namelijk tegen Zuid Afrika te staan in de strijd voor de Wereldbeker voetbal. Overal werden bijeenkomsten (lees: “feesten” – dat geldt voor ieder keer dat het woord “bijeenkomst” wordt gebruikt in een Mexicaanse context) georganiseerd en ik ging samen met mijn zus Andrea naar één van die “bijeenkomsten”.

De plaats waar we heengingen was een soort van feestzaal, waar nu tientallen kleine televisieschermen en één groot projectiescherm geplaatst waren, zodat iedereen van overal de wedstrijd kon volgen. Het was negen uur ’s ochtends, maar toch zat iedereen duchtig bier te drinken, taco’s te eten, te zingen, lachen en praten. Het was een heel leuke en ontspannen atmosfeer en ik amuseerde me zeer goed met de bende waarmee Andrea had afgesproken.

Er was wel één ding dat ik iets minder vond en dat is blijkbaar een Mexicaanse gewoonte tijdens “bijeenkomsten” zoals dit. Telkens wanneer er een punt wordt gescoord – of wanneer iemand denkt dat dat het geval is – begint iedereen, buiten te schreeuwen als een randdebiel, ook zijn flesje of glas bier in het rond leeg te gooien. De eerste reactie is echt gewoon om onmiddellijk het glas met een zwier leeg te kappen in de lucht, met het gevolg dat iedereen uiteindelijk een douche van liters bier over zich heen krijgt. Was me dat even een verrassing… Maar na mijn ontmoeting met de onnatuurlijke hoeveelheid afvalwater in de Filippijnen, betekende dit echt niet zoveel meer en we hadden heel veel plezier, waarna we ons na zo’n drie uur druipnat richting huis begaven.

Tot slot, hadden we een buitengewone zaterdagavond met de gehele familie. Na mijn drukke dag begaf ik mij met een taxi naar het Nikko Hotel in het centrum van Mexico City, waar mijn familie mij verwachtte. Daar werd namelijk de Graduation Party van mijn zus Andrea gevierd. Het was een prachtige avond in een majestueuze ballroom, met overheerlijke eten en uitzonderlijke live muziek dat verzorgd werd door een zeer getalenteerde pianiste, violist en cellist. Ik genoot met volle teugen van het aangename gezelschap in een minstens even aangenaam kader.

Na het eten echter maakte de klassieke muziek plaats voor een live band die voor wat uptempo Mexicaanse muziek zorgde. Het was een wonderbaarlijk gezicht: de muziek startte en tot mijn grote verwondering stortte iedereen zich op de dansvloer. De honderden jongeren, maar ook alle broers, zussen, moeders, vaders en zelfs grootouders. De dansvloer barstte van het volk en ik zei luidop tegen mezelf: “Van een cultureel verschil gesproken…” In Europa of de VS moet er meestal een dapper koppel schichtig de dansvloer opsluipen, hopende dat ze snel gevolgd zullen worden door anderen, zodat ze zich te midden van die gehele dansende menigte kunnen verbergen. Maar vaak lukt dat niet, tenzij we al wat later op de avond zijn en iedereen eerst zijn percentage alcohol op een hoger niveau heeft kunnen brengen. Hier is dat in elk geval niet zo. Het werd een enthousiast en spelend gevecht om toch maar met beide voeten op de houten dansvloer te kunnen staan, wat blijkbaar een beter gevoel gaf dan zomaar ergens aan de buitenrand op het vast tapijt te dansen.

Ik was gefascineerd en zo gelukkig, omdat ik me niet alleen voelde in al mijn enthousiasme. Andrea’s vrienden namen me ook gewoon op in de groep en voor ik het goed besefte zat ik middenin een dans-tot-het-zweet-van-je-afdruipt-competitie. En dat bleek helemaal niet moeilijk te zijn. Het opzwepende ritme van de live band hielp daar natuurlijk bij, maar het was vooral het uitbundige publiek dat je geen andere kans liet. Niet dat ik het anders zou willen, maar ze gaven me de energie om toch door te gaan, hoewel ik eigenlijk doodmoe was. Ik maakte dan ook de fout om “heel even te gaan zitten voordat ik terug zou dansen”, want mijn lichaam raakte het zachte kussen van de stoel nauwelijks aan en het zakte volledig in. Er was geen manier om dat nog terug recht te krijgen en op de koop toe viel het zelfs in slaap terwijl ik daar aan tafel zat.

Ik schrok wakker en zag grootmoeders lieve glimlach, die ook net even een pauze nam om haar rug wat rust te geven. Mijn poging om me te herpakken was vergeefs, aangezien ik nog geen vijf minuten later weer in slaap viel en dat herhaaldelijk bleef doen. De tantes vonden het amusant, maar mijn Host Mom besefte ook dat ik na zo’n week natuurlijk niet in de ideale toestand was om een hele nacht te feesten. Het programma van het feest was namelijk begonnen om 8:30 pm en zou doorgaan tot 9:00 ’s ochtends… Mijn zus was zeer blij me die culture ervaring te kunnen laten meemaken, maar mijn lichaam kon de uitdaging spijtig genoeg niet aan. Denkend aan mijn verantwoordelijkheid voor de laatste show, die de dag nadien zou plaatsvinden, werd ik om 3:00 am naar huis gevoerd door de zus van mijn Host Mom, waar ik als een blok in slaap viel. Toen ik zes uur later opstond keek ik met een warm gevoel en een glimlach op mijn gezicht rond en vond her en der lichamen verspreid in zetels en op bedden, met dezelfde feilloze outfit aan van de vorige nacht.

Nu, waarom was deze week zo druk en zwaar? Er waren van dinsdag tot en met zondag zes shows gepland, het is te zeggen drie grote (ongeveer tweeënhalf uur) en drie kleinere (vijfenveertig minuten). En aangezien Mexico City een reusachtige stad is met meer inwoners dan België en we er zoveel mogelijk wilden bereiken, betekende dat natuurlijk dat we die shows zoveel mogelijk uitspreidden. Daardoor hadden we dagen zoals vrijdag, die bestonden uit tweeënhalf uur rijden naar de venue, anderhalf uur het podium opstellen, opwarmen en uiteindelijk optreden om uiteindelijk tweeënhalf uur terug te rijden. Wat dus wil zeggen dat we gemakkelijk dagelijks drie tot vijf uur in de bus zaten, wat een verklaring is voor de vroege Host Drop Off’s en late Host Pick Up’s.

Maar de shows waren van een zeer hoge kwaliteit. Het is natuurlijk ergens een logisch gevolg, maar toch is het leuk om te merken dat de show telkens beter wordt. De repetities waren spijtig genoeg niet altijd even productief omdat Cast de motivatie wat verloren was, wat leidde tot enkele frustraties met de Production Manager, maar gelukkig werden die allemaal snel opgelost. De shows werden dus beter, wat uiteindelijk uitmondde in onze laatste show op zondagavond. Dat was een heel emotionele gebeurtenis en tegen dat we aan het laatste nummer waren gekomen stond meer dan drie vierde van de Cast gewoon te janken op scene.

Laura Lynn (Nebraska), onze Vocal Instructor, was dan ook zeer tactisch geweest in het kiezen van Caitlin (Wyoming) en mij als solisten, omdat ze wist dat wij niet zomaar in het midden van het nummer een krop in de keel zouden krijgen en niet meer zouden kunnen doorzingen. Ik begrijp dat het natuurlijk heel triest is dat het voor Cast A 2010 zijn laatste show betekent, maar ik ben ook nog altijd van de overtuiging dat ook ons laatste publiek een uitstekende show verdient. Dus daar heb ik dan ook voor gezorgd dat ze die kregen.

Om het nog wat interessanter te maken had Kyle (Minnesota) – samen met Hans en mij één van de drie belangrijkste mannelijke sollisten in de show – vrijdagavond zijn enkel verstuikt, waardoor hij niet meer kon meedoen. Dat hield in dat ik er daardoor plots twee grote solo’s bij kreeg, wat extra stress met zich meebracht, maar daar had ik, eerlijk gezegd, eigenlijk niets op tegen. En wederom, ik weet van mezelf dat ik mijn lijn kan volhouden en mijn emoties op dat moment opzij kan zetten. The show must go on. Ik vind het persoonlijk heel pijnlijk om te zien hoe mensen soms proberen om zelf iets te brengen op een begrafenis van een familielid, om dan in het midden van het nummer te beginnen snotteren en uiteindelijk in tranen uit te barsten, waardoor er niets meer overblijft van het nummer.

Ik weet dat dat natuurlijk een totaal andere situatie is en ik klink nu precies harteloos, maar ik denk dat een betalend publiek zeker een show verdient hoe die zou moeten zijn. Professioneel, kwaliteitvol en energetisch. Ik kan me niet inbeelden dat iemand zou willen betalen om te gaan kijken naar een bende snotterende jongeren. Maar naar traditie weet het publiek dat dit normaal gezien gebeurt tijdens de laatste show en daardoor bestaat het publiek ook meestal voornamelijk uit familieleden en vrienden. Zo is er, om het als het ware te anticiperen, ondertussen sinds jaren de traditie gegroeid om bij de laatste show Kleenex uit te delen aan het publiek bij de binnenkomst en hen te vragen om die tijdens het laatste nummer boven te halen en dramatisch heen en weer boven het hoofd te wuiven, zoals dat soms met aanstekers wordt gedaan. Een heel mooi effect en voor vele studenten de laatste druppel om alsnog de sluizen open te zetten en de waterlanders de vrije loop te laten. Hoe dan ook, we hadden een zeer goede laatste show en ik sloot met een goed gevoel dit jaar als performer voor Up With People af.

De dag nadien kwam als een hamerslag voor velen en de theorie die we tijdens onze psychologische workshop ‘Stages of Loss’ hadden gekregen, werd plots zeer duidelijk omgezet in de praktijk. Tijdens die workshop hadden we geleerd hoe mensen met verlies omgaan en hoewel dit voor veel mensen algemene kennis is, wou ik het toch even herhalen. Als je iets of iemand verliest – dat is niet noodzakelijk een overlijden, dat kan ook het einde van een relatie zijn of zoals in dit geval het einde van een heel lange periode samenleven met dezelfde mensen en dan overblijven met de vraag of je elkaar ooit nog gaat weerzien – zijn er vijf fasen van verlies die je doormaakt.

De eerste fase is die van Ontkenning, wat gevolgd wordt door Woede, Onderhandeling, Depressie en uiteindelijk Aanvaarding. In ons voorbeeld gaat dat als volgt: Ontkenning: “Maar neen, het is nog niet over, we hebben nog twee weken samen, waar spreek je toch over.” Woede: “Wat! Het is gedaan! Ik wil godverdomme niet naar huis! Ik ben hier nog niet klaar voor! Ik wou nog zoveel dingen doen en ik moet nog zoveel zeggen!” Onderhandeling: “Oké, volgende zomer kom ik jou bezoeken en dan kan jij met Kerstmis naar mij toe komen. En ondertussen hebben we Facebook, Skype en e-mail.” Depressie: “Het is over. Hoe moet ik nu verder? Wat moet ik doen met mijn leven? Ik ga jullie nooit meer terug zien. Dat kan ik niet aan.” Aanvaarding: “Het is gedaan, het is nu eenmaal zo, dat wisten we van het begin. Ik ben klaar voor iets nieuws. Dit was een geweldige ervaring en ik ga alles gebruiken wat ik hier geleerd heb om mijn leven minstens even fantastisch te maken.

En dat is ook het hele punt van Up with People. Dit is geen einde. Het is het begin. Ze zeggen ons dat het jammer zou zijn, moesten dit de beste zes maanden van je leven zijn. Dit is slechts het begin van een leven vol uitdaging en kansen om jezelf blijvend te ontplooien. En ik ben het daar volledig mee eens. Up with People is een ongelooflijk programma. Ik heb al meerdere keren gedacht dat dit een verplicht deel zou moeten zijn in ieders leven. Het geeft je de tijd die nodig is om na te denken wie je was, wie je bent en wie je wil zijn en als je dat hebt uitgepluisd kan je in alle nuchterheid en harmonie beslissen wat je dan wil gaan doen.

Tijdens één van mijn laatste Skype gesprekken met één van mijn beste vrienden aan het thuisfront had ik nog maar net een discussie over Up with People. De persoon in kwestie vond dat het programma niet goed was voor mij en dat ik er zo snel mogelijk zou moeten uitstappen. De bewering was dat UWP een “sekte” zou zijn, wat trouwens helemaal geen nieuwe “belediging” is. Up with People is al jarenlang zo genoemd en daar is iedereen die er deel van uitmaakt, van de studenten tot de CEO, zich zeker van bewust. Ik vind het grappig als mensen dat zeggen en ik was teleurgesteld in mijn vriend om dat ook te gaan geloven, gewoon omdat andere mensen daar zo over spraken. Ik was dan ook verbaasd een boze reactie te krijgen toen ik geamuseerd toegaf dat ik het grappig vond dat die persoon dat zei, aangezien die vond dat ik daar helemaal niet mee moest lachen en dat dat voor die persoon het bewijs was dat UWP inderdaad een sekte was. Ik blijf het grappig vinden.

Ik vraag me ook af wat er slecht aan zou zijn. Een sekte is naar mijn mening per definitie meestal van destructieve aard en doet volgens mij meer kwaad dan goed voor mensen. Up with People is een programma dat mensen de middelen geeft om van een goed leven een geweldig leven te maken, waarin er enkel focus is op positieve dingen zoals het helpen van andere mensen. Als ik terugdenk wat ik dit hele jaar gedaan heb, kan ik denk ik enkel op dit negatief punt komen: het is verdomme hard en vermoeiend! Maar dat is het allemaal meer dan waard.

Dus bedankt Up with People, voor dit geweldige jaar. Om me zoveel bij te leren over andere culturen, andere plaatsen, andere mensen en vooral mezelf. Ik heb er heel erg van genoten en ik raad het iedereen aan. Voel je ook vrij om zoveel vragen te stellen als je wil. Ik sta altijd klaar om je te voorzien van open en eerlijke antwoorden. Dat is een belofte die ik hierbij maak.

Goed. Tot zover deze blog. Het was een aangename verrassing zoveel lezers te hebben. We hebben gewoonweg de kaap van duizend lezers overschreden. Ongelooflijk. Dus dankjewel iedereen om zo trouw mijn avonturen te volgen. Ik heb er enorm van genoten en aan de kleine mailtjes en reacties te zien, vonden velen onder jullie het een plezier om “over mijn schouder mee te reizen”, zoals iemand onder jullie me ooit schreef. Dus, nogmaals bedankt.

Tot slot gaat er nog een speciale bedanking uit naar alle mensen die deze reis mee hebben mogelijk gemaakt. Daarmee bedoel ik iedereen die een dag heeft gekocht volgens mijn ‘Koop de Dag’ actie en me zo gesponsord heeft. Dat zijn, in alfabetische volgorde: Cathy & Franky, Celia, Els, Eric & Sonia, Fabienne, Johan & Marie-Jeanne, Jolien, Laura & Carine, Joseph & Therezia, Jug & Colleen, Katrien, Kelly, Laraatje, Luc, Lynn, Marcel, Richard & Linda, Rik & Yvonne

Bedankt, bedankt, bedankt. Echt duizendmaal dank.

The Beginning.

vrijdag 8 januari 2010

Game Over. Try Again.

In tegenstelling tot het Duracell konijn, ben ik niet blijven doorgaan… Alhoewel, in bepaalde opzichten dan weer wel, maar dat is voor later. Eerst is het mijn plicht het verhaal af te maken, waar ik zo enthousiast aan begonnen was. Ja, ik besef dat ik plots meer dan drie maand heb stilgelegen en daar wil ik mij voor verontschuldigen. Hieronder zal ik de verklaring geven voor mijn plotse stilte, maar eerst ga ik voort waar ik gestopt was:

Na Veracruz bracht de reis ons naar Puebla, een wondermooie stad die terecht op de werelderfgoedlijst van de UNESCO staat en zeker een aanrader is voor iedereen die van prachtige architectuur houdt. Daar kwam ik terecht bij een alweer fantastische familie met twee coole dochters, Lorena en Ana Fernanda, waar ik het onmiddellijk goed mee kon vinden. Mijn roommate was Paul, de Dance Captain en dat klikte uiteraard voordien al zeer goed, maar die week gaf ons echt tijd om ook eens rustig te kunnen praten in plaats van enkel samen te repeteren.

Nu, het belangrijkste voor mij tijdens die week was mijn Intern Project, mijn “afstudeerproject” als Music Intern. Ik en mijn mede-Production-Interns, zijnde Leslie (Dance Intern) en Sarah (Show Intern), hadden hier weken naartoe geleefd en waren er echt klaar voor om de cast en staff een supershow voor te schotelen. De extra stress was dat we die week bezoek hadden van Choreograaf Ken en Musical Director Michael, wat Leslie en mij toch nog nét iets meer het gevoel gaf dat dit zeer goed moest zijn. Wel, het was ook zo. Al zeg ik het zelf. We kregen een staande ovatie, iedereen was dolenthousiast, cast zowel als staff. En onze groep had echt een geweldig optreden gegeven, waarvoor ik hen eeuwig dankbaar zal zijn.

Maar. En dit is niet zomaar een maar. Na deze grote overwinning, die toch wel één van de grootste is uit mijn tot nu toe nog redelijk korte leventje (de Musical Director kwam me persoonlijk proficiat wensen met wat ik bereikt had en me zeggen dat hij vond dat ik talent had) kwam de grote ommekeer. Ze zeggen altijd: hoe hoger je gaat, hoe lager je kan vallen. En dat is dan ook exact wat ik deed… In al ons enthousiasme begonnen Leslie, Sarah en ik roepend, joelend en klappend op en neer te springen terwijl we onze groep tegemoet liepen. Wij hadden de hele tijd achteraan gezeten om de reactie van het publiek te kunnen zien en begaven ons nu dolenthousiast naar het podium, over de lange rij trappen…

Zoals de meeste weten, is enthousiasme bij mij meestal een understatement. In mijn geval is dat meestal nog nét iets meer dan een doorsnee persoon en toen was ik echt door het dolle heen. Maar aan mijn vreugd kwam zeer snel een einde, toen ik om een of andere reden de laatste trap miste, mijn voet omsloeg en er met mijn hele gewicht op terecht kwam, zodat ik een, in slow motion waarschijnlijk zeer vermakelijke en spectaculaire, val maakte. Emilie heeft nadien in elk geval nog zeker een half uur de slappe lach gehad, omdat volgens haar standpunt van op het podium zij mij dartel zag komen aanhuppelen en dan plots met een filmisch “Noooooo…”-gezicht zag verdwijnen in het niets. Achja. Het moet in mijn geval ook allemaal net iets dramatischer.

Hoe dan ook, daar lag ik dan. Een oorverdovende pijnscheut ( ) ging door mijn lichaam. Maar ik stond op, glimlachte, hinkte het podium op met mijn lieftallige collega’s en boog voor het meer dan vriendelijke publiek dat ons bleef toejuichen. Nadat het applaus was uitgestorven, sleepte ik mezelf van de scene en viel backstage neer van de pijn. Leslie, die verpleegster is in het dagelijkse leven, kwam naar me toegelopen, knielde neer en had onmiddellijk door dat dit niet “zomaar” een boboke was. Paul werd er bijgehaald en Timothy, die studeert voor dokter en er werd besloten er een man met een witte jas bij te halen. Puur informatief, we waren ongeveer twee uur verwijderd van de show, want jawel het was weer tijd voor een geweldige Show Day. Of zoiets.

Ik werd onderzocht en de dokter zei dat ik gewoon een verstuikte enkel had of misschien iets aan mijn ligament, maar dat het niet zo ernstig was. Er werd zalf op gedaan tegen de zwelling, ik kreeg een verband rond mijn enkel en tot slot kreeg ik een paar pijnstillers toegestopt. Hoewel het nu leek dat alles was opgelost, werd er bijna iets belangrijks over het hoofd gezien: de show. Ik kon onmogelijk het podium op, aangezien ik niet op mijn voet kon steunen. En me in mijn rolstoel op scene rijden had nu misschien net iets teveel geleken alsof we op het gevoel van het publiek wilden inspelen. Er werd dus beslist dat ik die avond niet zou meedoen, maar vanuit de zaal zou kijken. Het Production Team begon aan de interessante nieuwe uitdaging om mij in alle nummers te vervangen en het was zeer fascinerend te zien hoe ze daar op zo’n korte tijd in zijn geslaagd. Bepaalde nummers zoals de Love Medley werden zelfs helemaal omgebouwd tot een puur gezongen stuk, aangezien ze niet opeens een jongen konden aanleren het geheel te zingen en dansen tegelijkertijd.

Hoe het ook zij, het kwam er dus op neer dat ik in de zaal zat te kijken naar mijn ongelooflijke cast, die een prachtprestatie leverden. Ik moet wel zeggen dat het een zeer vreemd gevoel was om daar te zitten. Hoewel ik er enerzijds van genoot, was er anderzijds ook een zeer grote frustratie daar zelf niet te staan. Maar dat had echt niet gelukt. Ik sukkelde namelijk nadien nog een dag met mijn host family toen we een mooi klein stadje gingen bezoeken. Dat stadje had een piramide waarop, na de overname van de Spanjaarden, door diezelfde cultuurbarbaren, een kerk was op gebouwd. Koppig als ik was, besloot ik de hele piramide te beklimmen met mijn krukken, die ik tegen dan had gekregen.

In diezelfde toestand maakte ik ook de overgang naar mijn nieuwe familie in México City en ik had medelijden met hen dat zij een semi-gehandicapt jongetje in handen moeten nemen. Voor mensen die weten dat ik een zeer groot probleem heb met het verlies van controle over dingen en het afhankelijkheid zijn van mensen, was dit voor mij emotioneel een ramp. Verder, was het ook gewoon fysiek onhandelbaar. En hoewel mij werd gezegd dat ik geduld moest hebben (nog zo één van mijn slechte eigenschappen) en dat de pijn wel zou wegtrekken, besloot ik naar het ziekenhuis te stappen.

Daar kreeg ik, na vijf dagen te hebben afgezien, te horen dat ik de basis van mijn vijfde metatarsaal had gebroken. Op dat moment had ik totaal geen besef wat dat betekende, maar ik kan je zeggen dat ik wel doorhad dat dat geen goed nieuws was. Mijn voet was dus gebroken en de dokter was heel erg verbaasd te horen dat ik daar nog vijf dagen mee had kunnen rondlopen. Aangezien ik niet wou overkomen als de kleinzerige jongen en ik ben opgevoed niet te zagen over het kleinste pijntje, had ik maar flink op mijn tanden gebeten. Hmm. Misschien had ik dat beter niet gedaan. Achja.

Ik kreeg dus te horen dat ik een gebroken voet had en daarmee vier tot acht weken in het gips moest. Ik denk dat dat het meest afschuwelijke nieuws was dat ik ooit heb gekregen. Ik zou kunnen zeggen dat ik triest was of boos of verward of teleurgesteld of gefrustreerd. Wel, ik denk dat ik dat allemaal tegelijk was. En nog veel meer. Op de koop toe werd ik ongeveer gegijzeld in het ziekenhuis. Ik kreeg namelijk geen factuur mee, maar moest daar onmiddellijk betalen. Ik probeerde hen duidelijk te maken dat ik geen 2000 peso’s bij me had, wat ze ergens nog wel konden begrijpen. Maar als ik dan mijn Visa bovenhaalde en wou betalen, bleek hun betaalautomaat niet te werken. Met andere woorden, ik kon dus niet betalen.

Toch, wilden ze me niet laten gaan. Ik vroeg hen me de overschrijving mee te geven en zei hen dat ik dat thuis wel zou betalen, maar ze geloofden me niet en zeiden dat ik dan gewoon ging weglopen zonder te betalen. Hen verzekeren dat ik dat niet zou doen, dat ik een betrouwbare jongen was, hielp niet. Dus, stelde één van de personeelsleden voor met mij naar een bank te rijden, zodat ik geld kon afhalen. Maar het is niet mogelijk om 2000 peso’s in af te halen, aangezien er limiet op mijn bankrekening staat. Daarenboven vond ik het gewoon al vreemd en ergens gevaarlijk dat er iemand met mij naar een bank zou rijden en dat ik hen dan wel zou moeten vertrouwen om samen geld te gaan afhalen. Dus, dat idee werd afgekeurd.

Het kwam er dus op neer dat we vastzaten. Ik kon niet betalen omdat hun automaat niet werkte en zij lieten me niet gaan voordat ik betaalde. Er stond ook echt een security agent voor de deur die ervoor moest zorgen dat ik niet plots zou weglopen. Blijkbaar waren ze even het kleine detail vergeten dat mijn voet op dat moment net in de gips zat, maar goed.

Er werd een manager bijgehaald. Die manager kon geen Engels. Even terzijde, zo kon ook geen enkele, maar dan ook geen enkele van al de andere mensen die mij “geholpen” hadden. Ik stond daar dus, ondertussen al meer dan twee uur, een discussie te voeren in het Spaans… terwijl ik geen Spaans spreek! De manager dreigde de politie te bellen. Ik… was laaiend enthousiast! En zei haar dat de politie zeer blij zou zijn te horen dat ik daar gegijzeld werd. Vraag me niet hoe ik dat verwoord heb met mijn zelf-aangeleerd-namaak-Spaans, maar het moest duidelijk zijn, want aan haar gezicht te zien, besefte ze dat zij hier in de fout was. Ik wou betalen. Zij hadden gewoon de middelen niet.

Er werd een tweede manager bijgehaald. Tot mijn grote verrassing, kon deze ook geen enkel woord Engels. En raar maar waar, zelfs de derde sloeg er niet in ook maar één samenhangende zin te produceren. Ondertussen, na vijf weken México, verstond ik wel genoeg Spaans om te weten wat ze tegen elkaar zeiden en dat speelde in mijn voordeel. Hoe leuk het is om te reageren op wat mensen over jou zeggen in een andere taal, terwijl zij denken dat je hen niet verstaat! Daar zat ik dus. In een klein, afgesloten lokaaltje waar ze mij speciaal hadden binnengeloodst omdat ik mijn stem was beginnen verheffen in de lobby (wat wil je, na ondertussen al meer dan vier uur behandeld te worden als één of andere crimineel), zodat ze mij daar rustig konden duidelijk maken dat ik moest betalen of ze lieten me niet gaan.

Dan, plots, was hij daar. De redder in nood. Een toevallige passant in dit verhaal, doch op dat moment werd hij getransformeerd tot een held in een semi-episch verhaal. Eén of andere technicus, die één of ander defect toestel was komen repareren, werd het lokaaltje binnengeleid. Jawel, daar was hij dan: De Man Die Engels Kon Spreken! Halleluja! Er werd eindelijk een dialoog gevoerd. Je weet wel, zo eentje waarbij de ene persoon iets zegt en de andere daar op reageert. Maar het interessante aan deze conversatie was, dat de andere nu wist wat de ene zei en daardoor dan ook een relevant antwoord kon geven. De wondere wereld van taal. Daarom heb ik mij dan vier jaar door Taalkunde aan de universiteit gesleurd, denk ik dan.

Het duurde tien minuten. De man leidde me naar het eerste verdiep van het ziekenhuis. We stapten samen de onafhankelijke apotheker binnen, die in hetzelfde gebouw als het ziekenhuis was gevestigd. Ik stak mijn kaart in hun betaalautomaat en betaalde het gevraagde bedrag, dat zij op hun beurt zouden doorstorten aan het ziekenhuis. En na bijna vijf uur verliet ik het ziekenhuis, met waarschijnlijk de meest interessante culture shock ooit en, geef toe, een fantastisch verhaal voor achteraf.

In elk geval, gebeurde nadien alles zeer snel. Voor ik het wist, werd ik gerepatrieerd door EuropAssitance en na een vlucht in business class (wat zeker niet onaangenaam was) met Air France en een taxi vanuit Parijs, kwam ik een dag later thuis aan.

En dat, is waar ik tot woensdag heb gezeten. Eerst zei men mij vier weken gips, dan werden het zes, plots waren het er acht. De hoop die er eerst nog was om te kunnen terugkeren naar mijn cast en hen te vervoegen in Polen of Duitsland, werd de grond ingeboord. Ik bleef thuis. Mijn avontuur zat er op. Game Over.

De periode thuis was heel verwarrend, van het begin tot het einde. Ik denk dat het enige toepasbare woord liminaliteit is. Dagenlang, wekenlang, maandenlang werd ik door al mijn eigen slechte eigenschappen, die me nu als een soort van horde demonen kwamen teisteren, achtervolgd: geen controle hebben, afhankelijk zijn en geduld. Ik ging er kapot aan. De eerste twee weken heb ik gewoon… gelegen. Van ’s ochtends tot ’s avonds. In combinatie met mijn jetlag leek dat alsof ik altijd en tegelijkertijd nooit aan het slapen was. Maar, mijn bed was alomtegenwoordig. Ik ga het niet mooier doen lijken dan het is, vraag maar aan mijn gezin. Het begon stilaan op een depressie te lijken. Ik zag het nut er niet meer van in nog uit mijn bed te komen. Ik was bijna constant moe en kon tegelijkertijd toch niet slapen. Ik had geen honger, maar toch had ik de neiging me vol te proppen met alles wat ik tegenkwam. Het was de eerste keer in mijn leven dat ik zoiets meemaakte en daar zou ik liever niet nog eens in terecht komen.

Uiteindelijk, heb ik me uit mijn eigen vijver van zelfmedelijden gesleurd door mezelf een doel te geven: ik ga mijn thesis afmaken en een job vinden. En tegen dat mijn kinesitherapie erop zit, kan ik dan eindelijk aan mijn leven beginnen. Ook al heb ik mijn UWP programma niet kunnen afmaken. Ik heb al meerdere keren gelezen en gehoord dat alles gebeurt om een reden. Dus, ik keek er naar uit te ontdekken waar deze situatie heen zou leiden…

Dus, ik begon naarstig te werken en te zoeken. Dat leidde trouwens ook tot de ontdekking van wederom een interessant aspect van ons bureaucratisch ontwikkeld landje. De RVA en de VDAB zijn mijn beste vrienden. Ik kan iedereen aanraden om op een moment van verveling eens te gaan opzoeken hoeveel formulieren je bij de RVA zou kunnen invullen, moest je daar zin in hebben Wauw. Ik was onder de indruk. Echt, geen idee wie dit heeft gecreëerd, maar proficiat. Ofzo.

In elk geval, alles leek goed te gaan. Mijn leven kreeg weer een zekere regelmaat. Totdat hij verscheen… Neen niet diezelfde technicus vanuit dat Mexicaans ziekenhuis, ik probeer ergens nog een beetje realiteit te behouden. Eric, de Producer van Up With People contacteert mij. Ik vond het wel heel sympathiek dat zo’n drukbezette man de tijd nam om me even te zeggen dat het spijtig was wat er gebeurd was. Maar dat was niet de reden van zijn toenadering. Hij vroeg mij of ik wou terugkomen voor een nieuw semester. “Jij bent een goede jongen, je hebt de juiste instelling, je bent heel getalenteerd, ik vind het zo jammer voor je dat je de kans niet hebt gehad je programma te kunnen afmaken, wat zou je zeggen van een nieuwe kans?” Try again.

En jawel, na veel nadenken heb ik besloten om op zijn voorstel in te gaan. En nu. Nu zit ik al in Denver. Mijn tweede semester is reeds begonnen. Ik kan het zelf met moeite geloven, maar ik ben hier en ik heb er zin in. Een nieuwe start, een nieuwe kans, een nieuwe reis, (een nieuw kapsel), een nieuwe levensveranderende ervaring. Ik kijk er zo naar uit! En ik ben er helemaal klaar voor!

Hopelijk zijn jullie dat ook…