donderdag 17 juni 2010

The End.

En dan is het voorbij. Daar kan je niet onderuit. Aan alle mooie liedjes komt een einde. Maar laten we het positief bekijken en het een begin noemen. Een begin betekent namelijk het einde van een ander begin. Totdat dat begin weer plaatsmaakt voor een ander begin. En Up with People is, buiten zovele andere dingen, zeker een springplank naar zoveel meer kansen. Dus ik sta positief tegenover de toekomst en daarom noem ik dit een begin.

Ja, denk je nu, allemaal goed en wel, maar hoe zag die laatste week er nu uit? Wel, ik werd tot mijn grote verrassing opgehaald door mijn Host Family van vorig semester. De fantastische familie Minutti – Funes, die één van mijn favoriete families was en die ik met spijt in het hart had moeten achterlaten toen ik naar huis terugkeerde met mijn gebroken voet. Maar nu was ik dus tot mijn grote verrassing terug, wat inderdaad zo aanvoelde: het leek alsof ik terug thuiskwam. Mijn mama Laura en papa Rafael waren heel blij me weer bij hen te hebben en mijn zus Andrea (18 jaar oud), broer Aldo (16) en zusje Alexia (7) waren door het dolle heen! Dit was de perfecte setting voor een laatste en onvergetelijke week.

Van het begin af voerden we de gesprekken die je nooit zou kunnen voeren als je slechts een week bij een familie verblijft. We konden een stap verder zetten, voorbij de alledaagse gesprekken, geen nood meer aan fatisch taalgebruik. Het leek ook alsof ik nooit was vertrokken. Alsof ik thuiskwam na een tijdje te zijn gaan rondtrekken in de Filippijnen, de Verenigde Staten en dat kleine landje dat België werd genoemd. Ik was heel opgelucht en voelde me heel erg op mijn gemak.

Daar was spijtig genoeg wel niet veel tijd voor, aangezien er een gestoord programma gepland was. Laat ik even een overzicht geven van de Host Drop Off en Host Pick Up uren. Dat was op dinsdag 8:00 am tot 9:00 pm en woensdag 8:00 am tot 6:45 pm, wat de rustige dagen waren. Nadien begon het feest op donderdag van 7:00 am tot 1:00 am – inderdaad ’s nachts dus – gevolgd door vrijdag 3:30 pm – wat dus betekende dat we een een Host Family voormiddag hadden – tot 10:30 pm en dan de laatste driedaagse: zaterdag 6:30 am tot 11:30 pm, zondag 10:30 am tot 10:30 pm en maandag 6:30 tot 10:30. Ik weet dat dit veel nummers zijn, maar ik wou het overzicht geven, zodat het duidelijk was dat ik dus bijna nooit thuis was geweest. ’s Ochtends was iedereen druk bezig zich klaar te maken om te vertrekken voor school of werk, waar dus niet veel tijd was om iets te doen en ’s avonds kwam ik het grootste deel van de tijd toe toen iedereen reeds naar bed was gegaan of net op het punt stond om dat te doen.

Maar we hadden onze rustige woensdagavond, die heel gezellig was, en dan was er vrijdagvoormiddag, wat dus de Host Family Morning was. Op die dag was er een zeer speciale gebeurtenis, niet enkel voor mij, maar voor de gehele Mexicaanse bevolking. Mexico kwam die ochtend namelijk tegen Zuid Afrika te staan in de strijd voor de Wereldbeker voetbal. Overal werden bijeenkomsten (lees: “feesten” – dat geldt voor ieder keer dat het woord “bijeenkomst” wordt gebruikt in een Mexicaanse context) georganiseerd en ik ging samen met mijn zus Andrea naar één van die “bijeenkomsten”.

De plaats waar we heengingen was een soort van feestzaal, waar nu tientallen kleine televisieschermen en één groot projectiescherm geplaatst waren, zodat iedereen van overal de wedstrijd kon volgen. Het was negen uur ’s ochtends, maar toch zat iedereen duchtig bier te drinken, taco’s te eten, te zingen, lachen en praten. Het was een heel leuke en ontspannen atmosfeer en ik amuseerde me zeer goed met de bende waarmee Andrea had afgesproken.

Er was wel één ding dat ik iets minder vond en dat is blijkbaar een Mexicaanse gewoonte tijdens “bijeenkomsten” zoals dit. Telkens wanneer er een punt wordt gescoord – of wanneer iemand denkt dat dat het geval is – begint iedereen, buiten te schreeuwen als een randdebiel, ook zijn flesje of glas bier in het rond leeg te gooien. De eerste reactie is echt gewoon om onmiddellijk het glas met een zwier leeg te kappen in de lucht, met het gevolg dat iedereen uiteindelijk een douche van liters bier over zich heen krijgt. Was me dat even een verrassing… Maar na mijn ontmoeting met de onnatuurlijke hoeveelheid afvalwater in de Filippijnen, betekende dit echt niet zoveel meer en we hadden heel veel plezier, waarna we ons na zo’n drie uur druipnat richting huis begaven.

Tot slot, hadden we een buitengewone zaterdagavond met de gehele familie. Na mijn drukke dag begaf ik mij met een taxi naar het Nikko Hotel in het centrum van Mexico City, waar mijn familie mij verwachtte. Daar werd namelijk de Graduation Party van mijn zus Andrea gevierd. Het was een prachtige avond in een majestueuze ballroom, met overheerlijke eten en uitzonderlijke live muziek dat verzorgd werd door een zeer getalenteerde pianiste, violist en cellist. Ik genoot met volle teugen van het aangename gezelschap in een minstens even aangenaam kader.

Na het eten echter maakte de klassieke muziek plaats voor een live band die voor wat uptempo Mexicaanse muziek zorgde. Het was een wonderbaarlijk gezicht: de muziek startte en tot mijn grote verwondering stortte iedereen zich op de dansvloer. De honderden jongeren, maar ook alle broers, zussen, moeders, vaders en zelfs grootouders. De dansvloer barstte van het volk en ik zei luidop tegen mezelf: “Van een cultureel verschil gesproken…” In Europa of de VS moet er meestal een dapper koppel schichtig de dansvloer opsluipen, hopende dat ze snel gevolgd zullen worden door anderen, zodat ze zich te midden van die gehele dansende menigte kunnen verbergen. Maar vaak lukt dat niet, tenzij we al wat later op de avond zijn en iedereen eerst zijn percentage alcohol op een hoger niveau heeft kunnen brengen. Hier is dat in elk geval niet zo. Het werd een enthousiast en spelend gevecht om toch maar met beide voeten op de houten dansvloer te kunnen staan, wat blijkbaar een beter gevoel gaf dan zomaar ergens aan de buitenrand op het vast tapijt te dansen.

Ik was gefascineerd en zo gelukkig, omdat ik me niet alleen voelde in al mijn enthousiasme. Andrea’s vrienden namen me ook gewoon op in de groep en voor ik het goed besefte zat ik middenin een dans-tot-het-zweet-van-je-afdruipt-competitie. En dat bleek helemaal niet moeilijk te zijn. Het opzwepende ritme van de live band hielp daar natuurlijk bij, maar het was vooral het uitbundige publiek dat je geen andere kans liet. Niet dat ik het anders zou willen, maar ze gaven me de energie om toch door te gaan, hoewel ik eigenlijk doodmoe was. Ik maakte dan ook de fout om “heel even te gaan zitten voordat ik terug zou dansen”, want mijn lichaam raakte het zachte kussen van de stoel nauwelijks aan en het zakte volledig in. Er was geen manier om dat nog terug recht te krijgen en op de koop toe viel het zelfs in slaap terwijl ik daar aan tafel zat.

Ik schrok wakker en zag grootmoeders lieve glimlach, die ook net even een pauze nam om haar rug wat rust te geven. Mijn poging om me te herpakken was vergeefs, aangezien ik nog geen vijf minuten later weer in slaap viel en dat herhaaldelijk bleef doen. De tantes vonden het amusant, maar mijn Host Mom besefte ook dat ik na zo’n week natuurlijk niet in de ideale toestand was om een hele nacht te feesten. Het programma van het feest was namelijk begonnen om 8:30 pm en zou doorgaan tot 9:00 ’s ochtends… Mijn zus was zeer blij me die culture ervaring te kunnen laten meemaken, maar mijn lichaam kon de uitdaging spijtig genoeg niet aan. Denkend aan mijn verantwoordelijkheid voor de laatste show, die de dag nadien zou plaatsvinden, werd ik om 3:00 am naar huis gevoerd door de zus van mijn Host Mom, waar ik als een blok in slaap viel. Toen ik zes uur later opstond keek ik met een warm gevoel en een glimlach op mijn gezicht rond en vond her en der lichamen verspreid in zetels en op bedden, met dezelfde feilloze outfit aan van de vorige nacht.

Nu, waarom was deze week zo druk en zwaar? Er waren van dinsdag tot en met zondag zes shows gepland, het is te zeggen drie grote (ongeveer tweeënhalf uur) en drie kleinere (vijfenveertig minuten). En aangezien Mexico City een reusachtige stad is met meer inwoners dan België en we er zoveel mogelijk wilden bereiken, betekende dat natuurlijk dat we die shows zoveel mogelijk uitspreidden. Daardoor hadden we dagen zoals vrijdag, die bestonden uit tweeënhalf uur rijden naar de venue, anderhalf uur het podium opstellen, opwarmen en uiteindelijk optreden om uiteindelijk tweeënhalf uur terug te rijden. Wat dus wil zeggen dat we gemakkelijk dagelijks drie tot vijf uur in de bus zaten, wat een verklaring is voor de vroege Host Drop Off’s en late Host Pick Up’s.

Maar de shows waren van een zeer hoge kwaliteit. Het is natuurlijk ergens een logisch gevolg, maar toch is het leuk om te merken dat de show telkens beter wordt. De repetities waren spijtig genoeg niet altijd even productief omdat Cast de motivatie wat verloren was, wat leidde tot enkele frustraties met de Production Manager, maar gelukkig werden die allemaal snel opgelost. De shows werden dus beter, wat uiteindelijk uitmondde in onze laatste show op zondagavond. Dat was een heel emotionele gebeurtenis en tegen dat we aan het laatste nummer waren gekomen stond meer dan drie vierde van de Cast gewoon te janken op scene.

Laura Lynn (Nebraska), onze Vocal Instructor, was dan ook zeer tactisch geweest in het kiezen van Caitlin (Wyoming) en mij als solisten, omdat ze wist dat wij niet zomaar in het midden van het nummer een krop in de keel zouden krijgen en niet meer zouden kunnen doorzingen. Ik begrijp dat het natuurlijk heel triest is dat het voor Cast A 2010 zijn laatste show betekent, maar ik ben ook nog altijd van de overtuiging dat ook ons laatste publiek een uitstekende show verdient. Dus daar heb ik dan ook voor gezorgd dat ze die kregen.

Om het nog wat interessanter te maken had Kyle (Minnesota) – samen met Hans en mij één van de drie belangrijkste mannelijke sollisten in de show – vrijdagavond zijn enkel verstuikt, waardoor hij niet meer kon meedoen. Dat hield in dat ik er daardoor plots twee grote solo’s bij kreeg, wat extra stress met zich meebracht, maar daar had ik, eerlijk gezegd, eigenlijk niets op tegen. En wederom, ik weet van mezelf dat ik mijn lijn kan volhouden en mijn emoties op dat moment opzij kan zetten. The show must go on. Ik vind het persoonlijk heel pijnlijk om te zien hoe mensen soms proberen om zelf iets te brengen op een begrafenis van een familielid, om dan in het midden van het nummer te beginnen snotteren en uiteindelijk in tranen uit te barsten, waardoor er niets meer overblijft van het nummer.

Ik weet dat dat natuurlijk een totaal andere situatie is en ik klink nu precies harteloos, maar ik denk dat een betalend publiek zeker een show verdient hoe die zou moeten zijn. Professioneel, kwaliteitvol en energetisch. Ik kan me niet inbeelden dat iemand zou willen betalen om te gaan kijken naar een bende snotterende jongeren. Maar naar traditie weet het publiek dat dit normaal gezien gebeurt tijdens de laatste show en daardoor bestaat het publiek ook meestal voornamelijk uit familieleden en vrienden. Zo is er, om het als het ware te anticiperen, ondertussen sinds jaren de traditie gegroeid om bij de laatste show Kleenex uit te delen aan het publiek bij de binnenkomst en hen te vragen om die tijdens het laatste nummer boven te halen en dramatisch heen en weer boven het hoofd te wuiven, zoals dat soms met aanstekers wordt gedaan. Een heel mooi effect en voor vele studenten de laatste druppel om alsnog de sluizen open te zetten en de waterlanders de vrije loop te laten. Hoe dan ook, we hadden een zeer goede laatste show en ik sloot met een goed gevoel dit jaar als performer voor Up With People af.

De dag nadien kwam als een hamerslag voor velen en de theorie die we tijdens onze psychologische workshop ‘Stages of Loss’ hadden gekregen, werd plots zeer duidelijk omgezet in de praktijk. Tijdens die workshop hadden we geleerd hoe mensen met verlies omgaan en hoewel dit voor veel mensen algemene kennis is, wou ik het toch even herhalen. Als je iets of iemand verliest – dat is niet noodzakelijk een overlijden, dat kan ook het einde van een relatie zijn of zoals in dit geval het einde van een heel lange periode samenleven met dezelfde mensen en dan overblijven met de vraag of je elkaar ooit nog gaat weerzien – zijn er vijf fasen van verlies die je doormaakt.

De eerste fase is die van Ontkenning, wat gevolgd wordt door Woede, Onderhandeling, Depressie en uiteindelijk Aanvaarding. In ons voorbeeld gaat dat als volgt: Ontkenning: “Maar neen, het is nog niet over, we hebben nog twee weken samen, waar spreek je toch over.” Woede: “Wat! Het is gedaan! Ik wil godverdomme niet naar huis! Ik ben hier nog niet klaar voor! Ik wou nog zoveel dingen doen en ik moet nog zoveel zeggen!” Onderhandeling: “Oké, volgende zomer kom ik jou bezoeken en dan kan jij met Kerstmis naar mij toe komen. En ondertussen hebben we Facebook, Skype en e-mail.” Depressie: “Het is over. Hoe moet ik nu verder? Wat moet ik doen met mijn leven? Ik ga jullie nooit meer terug zien. Dat kan ik niet aan.” Aanvaarding: “Het is gedaan, het is nu eenmaal zo, dat wisten we van het begin. Ik ben klaar voor iets nieuws. Dit was een geweldige ervaring en ik ga alles gebruiken wat ik hier geleerd heb om mijn leven minstens even fantastisch te maken.

En dat is ook het hele punt van Up with People. Dit is geen einde. Het is het begin. Ze zeggen ons dat het jammer zou zijn, moesten dit de beste zes maanden van je leven zijn. Dit is slechts het begin van een leven vol uitdaging en kansen om jezelf blijvend te ontplooien. En ik ben het daar volledig mee eens. Up with People is een ongelooflijk programma. Ik heb al meerdere keren gedacht dat dit een verplicht deel zou moeten zijn in ieders leven. Het geeft je de tijd die nodig is om na te denken wie je was, wie je bent en wie je wil zijn en als je dat hebt uitgepluisd kan je in alle nuchterheid en harmonie beslissen wat je dan wil gaan doen.

Tijdens één van mijn laatste Skype gesprekken met één van mijn beste vrienden aan het thuisfront had ik nog maar net een discussie over Up with People. De persoon in kwestie vond dat het programma niet goed was voor mij en dat ik er zo snel mogelijk zou moeten uitstappen. De bewering was dat UWP een “sekte” zou zijn, wat trouwens helemaal geen nieuwe “belediging” is. Up with People is al jarenlang zo genoemd en daar is iedereen die er deel van uitmaakt, van de studenten tot de CEO, zich zeker van bewust. Ik vind het grappig als mensen dat zeggen en ik was teleurgesteld in mijn vriend om dat ook te gaan geloven, gewoon omdat andere mensen daar zo over spraken. Ik was dan ook verbaasd een boze reactie te krijgen toen ik geamuseerd toegaf dat ik het grappig vond dat die persoon dat zei, aangezien die vond dat ik daar helemaal niet mee moest lachen en dat dat voor die persoon het bewijs was dat UWP inderdaad een sekte was. Ik blijf het grappig vinden.

Ik vraag me ook af wat er slecht aan zou zijn. Een sekte is naar mijn mening per definitie meestal van destructieve aard en doet volgens mij meer kwaad dan goed voor mensen. Up with People is een programma dat mensen de middelen geeft om van een goed leven een geweldig leven te maken, waarin er enkel focus is op positieve dingen zoals het helpen van andere mensen. Als ik terugdenk wat ik dit hele jaar gedaan heb, kan ik denk ik enkel op dit negatief punt komen: het is verdomme hard en vermoeiend! Maar dat is het allemaal meer dan waard.

Dus bedankt Up with People, voor dit geweldige jaar. Om me zoveel bij te leren over andere culturen, andere plaatsen, andere mensen en vooral mezelf. Ik heb er heel erg van genoten en ik raad het iedereen aan. Voel je ook vrij om zoveel vragen te stellen als je wil. Ik sta altijd klaar om je te voorzien van open en eerlijke antwoorden. Dat is een belofte die ik hierbij maak.

Goed. Tot zover deze blog. Het was een aangename verrassing zoveel lezers te hebben. We hebben gewoonweg de kaap van duizend lezers overschreden. Ongelooflijk. Dus dankjewel iedereen om zo trouw mijn avonturen te volgen. Ik heb er enorm van genoten en aan de kleine mailtjes en reacties te zien, vonden velen onder jullie het een plezier om “over mijn schouder mee te reizen”, zoals iemand onder jullie me ooit schreef. Dus, nogmaals bedankt.

Tot slot gaat er nog een speciale bedanking uit naar alle mensen die deze reis mee hebben mogelijk gemaakt. Daarmee bedoel ik iedereen die een dag heeft gekocht volgens mijn ‘Koop de Dag’ actie en me zo gesponsord heeft. Dat zijn, in alfabetische volgorde: Cathy & Franky, Celia, Els, Eric & Sonia, Fabienne, Johan & Marie-Jeanne, Jolien, Laura & Carine, Joseph & Therezia, Jug & Colleen, Katrien, Kelly, Laraatje, Luc, Lynn, Marcel, Richard & Linda, Rik & Yvonne

Bedankt, bedankt, bedankt. Echt duizendmaal dank.

The Beginning.

zondag 6 juni 2010

De laatste rechte lijn…

Er zijn weer twee weken voorbij. Dat wil zeggen dat er nog slechts één overblijft. Ik kan echt blijven herhalen hoe snel alles gaat, maar het is echt niets vergeleken bij hoe snel alles echt gaat. De weken lijken ook drukker te worden: meer educatieve workshops, meer shows, meer interne tijd. Ik was ook vergeten vermelden dat ik ondertussen gekozen ben als Education Intern (stagiair), dus dat maakt alles nog drukker uiteraard. Zo help ik bij de voorbereidingen voor de CI sites, organiseer ik samen met mijn collega stagiair Sonja (Germany) Regional Learning en geven we ook verschillende workshops zelf. Normaal gezien geef je als Stagiair één workshop en dat wordt dan jouw Intern Project genoemd, maar ik zei dat ik meer werk wou, waardoor ik uiteindelijk de verantwoordelijkheid over vijf projecten gekregen heb. Dat is superveel werk, maar ik ben er echt heel gelukkig mee!

Tlaxcala was een zoveelste geweldige stad met een bijhorende fantastische familie! Ik leek gewoon deel te zijn van de familie vanaf de eerste dag dat ik aankwam. Mijn Host Siblings Fernando (16 jaar oud), Temo (11) en Regina (4) waren zichtbaar gelukkig een nieuwe grote broer te hebben en ook mijn Host Parents leken zeer blij te zijn met hun tijdelijke Belgische immigrant. Ik voelde mij in elk geval zeer thuis. Jammer genoeg was de week weer zo druk – zo hadden we bijvoorbeeld drie volledige shows – waardoor ik het gevoel het dat ik niet echt veel tijd met hen kon doorbrengen. Maar de tijd die we hadden was enorm kostbaar voor mij.

Hoogtepunten van de week waren een CI waarbij we samen met studenten bomen gingen planten, wat echt een zeer leuke dag was, en de Cast Appreciation Day. Vrijdag hadden we onze eerste Show Day een aangezien de show ’s avonds om 7:00 uur, waren we wat verbaasd dat we er toch ’s ochtends vroeg moesten zijn om te repeteren, want dat was wat ons schema zei. Toen we binnen kwamen merkten we echter dat er ons een grote verrassing te wachten stond.

De Staff had voor ons een minishow voorbereid, die voor een groot deel ook uit persiflages bestond. Het was een fantastische verrassing en er werd heel wat afgelachen. Nadien kregen we ook ieder een kort briefje van een Staff Member, die ons persoonlijk vertelde waarom hij of zij ons apprecieerde. Ik was zeer vereerd met mijn appreciatie, die geschreven was door Dave Penny onze Cast Manager en die als volgt ging: “I want to appreciate you Pieter because I have just seen so much growth in you in the last year. You have really become a big leader in the cast. I have been so impressed with your maturity, how you push yourself, and how you look out for others. I am so thankful you decided to come back this semester. Thank you Pieter, for being you.” Na de ochtend werden we door de Staff geserveerd voor lunch en de hele dag door werden er kleine dingen gedaan om ons te bedanken. Een zeer aangename verrassing dat bij alle studenten in de smaak viel.

De UWP week zat er na drie uitstekende shows op en toen was het tijd voor een ontspannende Host Family Day. We bezochten het prachtige en idyllische centrum, dat gebouwd was naar het voorbeeld van Cadiz. Mijn familie was echt gewoon heel vriendelijk en we hadden leuke gesprekken, terwijl mijn kleine zusje Regina de hele tijd rondom mijn middel hing. ’s Avonds was er een verjaardagsfeest voor twee van mijn Cast Members – Sonja (Germany) en Marisol (Mexico) – die beiden jarig waren op maandag. Zij hadden in een bar in het midden van de stad afgesproken met de gehele Cast en er zijn uiteindelijk bijna veertig studenten komen opdagen. Dat was een ideaal moment om gewoon samen eens te ontspannen en plezier te hebben, wat we dan natuurlijk ook gedaan hebben.

Maar nadien was het alweer tijd om afscheid te nemen en onze reis voerde ons naar Toluca. Daar werden we verwacht in de zoo, die zeer uitgebreid was en waar we twee uur vrije tijd kregen om wat rond te wandelen. Nadien was het tijd voor de Host Pick Up en ik kreeg van mijn goede vriendin Andrea (Mexico) – die samen met mij deel uitmaakte van Cast B’09 en die nu deel is van het Advande Team – dat ik een geweldige familie ging krijgen. Ze zou namelijk bestaan uit Myrna, een alleenstaande architecte, die zelf had meegereisd met Viva la Gente in ’92. Andrea checkte ook nog even met mij dat ik inderdaad nog steeds een allergie aan katten en honden had, want ze hadden speciaal gezocht naar een dierenvrij huis, wat bij Myrna het geval was. Ik bevestigde dat en keek ernaar uit opgehaald te worden.

Na een half uur wachten, bijna alle studenten waren reeds vertrokken, werd ik opgehaald door Myrna en Antonio, die blijkbaar haar partner was. Ze namen mij mee naar hun nieuwe woonst, waar ze sinds vijf maanden woonden en stelden mij voor aan hun kinderen: drie overenthousiaste honden.

Dat was niet bepaald het beeld dat ik had van de familie, maar goed, ik was zeer blij aangezien we reeds in de auto geklikt hadden, dus ik dacht dat ik dat wel aankon. Ik begaf me naar mijn kamer om mijn koffer en rugzak neer te zetten en iets zei me dat ik misschien toch maar niet volledig moest uitpakken. Ik had verder een zeer leuke avond met interessante gesprekken, terwijl ik voelde hoe ondertussen mijn luchtwegen zich stilaan begonnen te vernauwen. Ik heb gelukkiglijk natuurlijk altijd mijn astma medicatie bij, maar mijn lichaam maakte me duidelijk dat dit niet zou lukken. Eén nacht en een astma aanval later, moest ik noodzakelijkerwijs het nieuws meedelen aan het Advance Team en er werd beslist dat ik moest worden verplaatst.

Het was een zeer ongemakkelijke situatie voor mij, omdat ik me zeer goed voelde bij de familie en ik nu het gevoel had dat zij zouden kunnen denken dat ik niet bij hen wou blijven. Ik had het gevoel een verrader te zijn. Maar het Advance Team, zei me dat ik me zo helemaal niet moest voelen, omdat dit hun fout was. Het was ook de eerste keer dat dit was gebeurd in mijn twee semesters. Dus, ik nam afscheid en werd overgeplaatst naar een andere familie, die reeds een student in hun huis had, maar zeker nog plaats had voor één extra.

Als bij wonder bleek dit de familie te zijn die Michael (Belgium) – één van mijn beste vrienden in de Cast – als Host Son hadden en daardoor had ik het geluk met hem te kunnen samenwonen. Dit was onze eerste en onmiddellijk laatste keer, aangezien het einde van het semester nabij was en het was een fantastische verrassing. Het leek ook echt dat hier een bepaalde reden achter zat, want als de hele situatie niet zo was gegaan, hadden wij nooit Roommates geweest!

We hadden een superleuke en nog veel snellere week samen. Mijn Host Family bestond uit een zeer vriendelijk Mom en Dad en een zus Karen (21) en een broer Guicho (17). Lieve en grappige mensen met een huis dat groter is dan alle huizen waar ik voordien reeds verbleven ben. Onze Host Family Day was bij uitzondering op zaterdag, voor onze Show Day die op zondag valt. We zijn samen Valle de Bravo gaan bezoeken, een klein pittoresk dorpje met een mooi groot meer. We huurden een boot en vaarden wat rond, wandelden rond in het centrum en aten in een zeer lekker restaurant.

Na een lange maar ontspannende dag is het nu tijd voor wat nachtrust, zodat ik me morgen weer in de show kan gooien. Nadien is het Travel Day en dan zitten we voor onze laatste week in Mexico City! Ik kan het niet geloven…

dinsdag 25 mei 2010

Busreis

Navojoa was een bewogen week. Om één of andere onduidelijke reden – laten we het gewoon “Mexico” noemen – werd ik plots ziek en moest noodgedwongen thuisblijven. Maar dat liet ik de sfeer niet verpesten en uiteindelijk eindigde alles mooi met een onvergetelijke show in een Baseball stadium op mijn verjaardag. Het publiek was talrijk en waanzinnig, wat in combinatie met een ijzersterke show een prachtig resultaat opleverde. Een zeer origineel verjaardagscadeau en ik heb er heel erg van genoten

Zondag, de dag nadien, was het al onmiddellijk tijd om te vertrekken naar Tlaxcala. Er was dus geen Host Family Day, wat jammer was, want ik had zeker nog wat extra rusttijd kunnen gebruiken. Maar die rust kregen we op onze volgende grote uitdaging: een twee dagen durende busreis! Feest! Of zoiets…

We vertrokken zondag om 11:00 am en kwamen veertien uur later aan om 1:00 am in Tepic. Dat was een klein stadje waar Viva la Gente een paar jaar geleden was geweest. Hierdoor hadden we een paar contacten daar en een klein Advance Team had ervoor gezorgd dat we een turnzaal ter beschikking hadden met een paar matrassen en dekens. Nadien hervatten we de reis om 7:00 am, waarna we na vijftien uur eindelijk aankwamen in Tlaxcala.

Daar werd ik opgepikt door mijn vriendelijke Host Parents, waar ik ondertussen nog maar een half uur mee gesproken heb. Ik ben al te weten gekomen dat ik drie Host Siblings heb, van zestien, elf en vier jaar oud – die nu uiteraard allemaal aan het slapen waren – en dat zij geen Engels spreken. Aangezien ik alleen gehost ben, wordt dat dus een interessante week!

donderdag 20 mei 2010

Navojoa

Na de geweldige week in Méxicali, was het nu tijd voor Navojoa. De busreis was de tot nu toe de minst aangename in mijn Up with People ervaring. Veertien uur lang in een bus waarvan de airconditioning en het toilet niet meer werkten – niet dat je die anders wel zou willen gebruiken, maar kom – en dat alles terwijl mijn nek, rug en schouders volledig geblokkeerd waren. Hoe dan ook, kwamen we na de lange uitdaging aan in een kleine arena, waar we werden opgewacht door alweer een Mariachi Band en de president en burgemeester van Navajoa. Wat een eer en tegelijkertijd wederom een uitdaging om er na die urenlange busreis nog goed uit te zien.

Na de korte welkomstceremonie was het tijd om onze Host Families te ontmoeten. De mijne bestaat uit Jesus en zijn vrouw en twee kinderen, die acht en elf jaar oud zijn. Van het ogenblik dat ik in de auto stapte, begon mijn Host Dad geanimeerd te vertellen over zijn job, wat niet de meest doordeweekse is. Jesus is een zeer trotse paardentemmer, hij leert namelijk paarden dansen. Daar is hij blijkbaar zeer goed in, want hij wordt gevraagd over de gehele Verenigde Staten en Mexico. Meer nog, zijn vrouw werkt niet, hij heeft twee kinderen en een zeer mooi en groot huis met een meid. Meer nog, hij is zo vriendelijk ervoor te kiezen vier Cast Members te hosten, wat dus wil zeggen dat ik drie roommates heb, namelijk Sonja (Germany), Darleen (Liechtenstein) en Kyle (Minnesota).

De week wordt weer zeer druk, aangezien we drie CI dagen hebben en qua optredens zijn er twee Unplugged Sessions, een Parade, een BTS en de show zelf gepland. Er is geen Host Family Day en aangezien het weer late avonden worden, is het heel moeilijk om een connectie met deze familie te maken. Dat is jammer, want ik heb tot nu toe enkel positieve eigenschappen gevonden in ieder van mijn familieleden. Daarbij komt dan nog dat mijn Host Dad heel hard werkt. Hij begint iedere ochtend rond 5:00 am te werken en is meestal pas rond 7:00 pm pas terug thuis. Dus de tijd die ik met hem kan doorbrengen, is zeer kort en daardoor kostbaar.

Dinsdagavond was er voor ons een speciale culturele avond georganiseerd, met typische dansen en ballet van deze streek. Verder was er uiteraard ook een Mariachi band – die vind je hier namelijk overal – maar we kregen ook totaal andere muziek voorgeschoteld dat iedereen kon bekoren. Er werd ook gebruik gemaakt van instrumenten die ik nog nooit had gezien en in het algemeen vond ik het gewoon fascinerend om traditionele dansen en muziek te zien, waar ik ergens anders nooit kennis mee had kunnen maken.

Deze morgen werd ik uitgekozen om een radio-interview te doen en dat was toch wel een beetje griezelig aangezien het volledig in het Spaans was. Maar ik denk dat we het in het algemeen goed hebben gedaan en het was een heel leuke ervaring voor mij. Een paar weken geleden waren we op televisie en dat was nog spannender, aangezien we toen ook weldegelijk moesten optreden voor de camera. Nu was het simpelweg een gesprek, dus dat viel allemaal best nog wel mee. Ik hou er gewoon van om zoveel verschillende kansen te krijgen om dingen te doen die je normaalgezien niet zou doen. Jihaaa Up with People!

Ondertussen wacht ik ook nog steeds op een antwoord over Ethan. Ik heb nogmaals een mail gestuurd en verder blijf ik hoopvol afwachten…

dinsdag 18 mei 2010

Bye Bye US! ¡Hola México!

Het was tijd voor onze laatste stad in de Verenigde Staten: Yuma, Arizona. Na de zonnige, warme week in Vista, was dit een soort ongewilde upgrade, aangezien we ons plots in een van de heetste plaatsen in de VS bevonden. Al wat je kon vinden, was zand en duinen – een echte woestijn als het ware – met gevolg dat er eigenlijk een nieuw superlatief zou moeten uitgevonden worden voor het adjectief “superheet”.

Hoe dan ook, we waren dus in Yuma. Een mooie plaats? Hmm. Speciale bezienswaardigheden? Niet echt. Activiteiten of entertainment? Nul. Wat een geluk voor mij dat ik mijn eigen entertainment mee had. Een wereldberoemd en ongelooflijk getalenteerd rondreizend gezelschap, bestaande uit twee leden. Jawel, ik had het geluk weer in het ideale gezelschap van Momma Colleen en Brother Paul te mogen verblijven!

Momma was als verrassing voor ons plots opgedoken in Vista, samen met haar zoon Kevin, die ook een UWP alumnus is, en diens vrouw Sandy. Zij wonen in Phoenix wat zeer dichtbij was en Momma verbleef dus bij hen voor en na ons te bezoeken. Ze vervoegde ons vroeger dan verwacht in Vista, wat uiteraard fenomenaal was voor mij. Ik wist reeds dat ze naar Yuma zou komen en dat ze van plan was daar Paul (Florida) en mij te hosten, maar nu stond ze hier plots uit het niets voor mij en ik sprong natuurlijk – dat is nu eenmaal een logische reactie – een gat in de lucht!

Yuma werd dan ook een memorabele week samen. We hadden de hele week plezier tot in het oneindige en ik denk dat ik de momenten dat ik niet lachte op één hand kan tellen. Het was ook een zeer feestelijke week, aangezien we besloten onze verjaardagen te vieren, nu we weer even herenigd waren. Die vielen namelijk allemaal in een span van één maand. Paul werd drieëntwintig op 22 april, Momma werd vierenzestig op 13 mei en nadien is het mijn beurt op 22 mei. Op de koop toe hadden we ook Moederdag, wat Momma voor zovele mensen is, dus ook dat werd duchtig gevierd. We vierden dus viermaal feest op één week tijd.

Dat leidde tot zeer smakelijke maaltijden die telkens geserveerd werden op een bedje van gelach en idioot gedrag. We waren allen bijna verbaasd dat we niet uit Red Lobster, één van de restaurants waar we gingen eten, werden gegooid toen we enthousiast met de krabbenpoten begonnen te spelen. Een fantastisch diner en tientallen foto’s later, kwamen we meestal doodmoe aan in het hotel waar we verbleven. Daar praatten we dan of stortten ons in al ons enthousiasme op een spelletje ‘Bananagrams’, wat meestal niet echt de beste optie bleek te zijn.

De week was voorbij voor we het goed en wel beseften en voor de zoveelste keer ondertussen was het tijd om afscheid te nemen. Ik ben Momma zo dankbaar voor deze week samen. Het was het perfecte verjaardagsgeschenk. Ik hoop dat ik snel een manier vind om haar te kunnen gaan bezoeken in Denver.

De busreis voerde ons naar de grens met Mexico. Daar stapten we van de bus en wandelen we in een lange lijn over de grens. Dat was een eerste keer voor mij. Meestal maakte ik de overgang via vliegtuig, auto of boot, maar ik had nog nooit een grens overgewandeld. Het maakte me ook heel triest de grens te zien. Ik wist helemaal niet dat er ondertussen ook een muur of hek was gebouwd tussen de Verenigde Staten en Mexico. Ze zeggen dat het een manier is om illegale immigranten buiten te houden, maar ik had het gevoel dat dit een kans was voor mij om de Berlijnse Muur te herbeleven. En ik kan je zeggen dat dat geen aangenaam gevoel was.

Maar bedrukte gezichten en tristesse maakte zeer snel plaats voor een grote warme glimlach, toen we uiteindelijk in Mexico aankwamen. We werden opgewacht door een uitermate voorbereid Advance Team, dat ervoor had gezorgd dat we als welkomst een overheerlijke Mexicaanse lunch kregen en een optreden met plaatselijke dans en muziek. Om één of andere reden slagen Marriachi Bands er altijd in om de perfecte sfeer te brengen en iedereen zin te geven om uitbundig te beginnen zingen. We startten ons Mexicaanse verblijf precies zoals het zou moeten.

Ik werd opgehaald door mijn Host Dad, Carlos Fuentes genaamd, die een alumnus is en in Cast A’91 had meegereisd. We klikten van het allereerste moment, wat blijkbaar een Up with People ding lijkt te zijn. Ze zeggen ons telkens dat je niet enkel deel bent van je Cast, maar van de gehele UWP familie, die ondertussen al uit bijna vijfentwintigduizend alumni bestaat. Het is super daar nu deel van te mogen uitmaken en plots verbonden te zijn met zovele mensen van over de hele wereld.

Mijn Host Dad nam me mee naar ons huis, wat ik liever zou omschrijven als een klein kasteeltje. Het was een zeer verfijnde woning met een feilloos interieur, maar dat was niets vergeleken bij de mensen die er woonden. Carlos heeft een warme, lieve en zeer knappe vrouw Marianna en ze hebben samen drie wonders van kinderen: Natalia (9 jaar oud), Ian (7 jaar) en de kleine aanbiddelijke Pia (15 maanden). Ik was zo blij eindelijk nog eens kleine broers en zusjes te hebben en vond het grappig dat er net dezelfde leeftijdsafstand was tussen hen als tussen mijn broer en zussen. Koen is ondertussen veertien, Lynn is twaalf en Lara zes jaar oud, dus het leek alsof ik nu even een stap terug in de tijd nam. Ik vond het zeer leuk om in hun gezelschap te verkeren en tegelijkertijd deed het mij ook heel erg mijn drie kleine monsters thuis missen. Maar de tijd gaat zeer snel en over vijf weken zie ik hen al terug.

Deze week vloog voorbij. Ik was heel blij internet te hebben en ik had gehoopt op wat meer op mijn blog te kunnen posten, maar daar bleek geen tijd voor te zijn. We hadden vier shows op één week tijd, twee volledige avondshows en twee kortere schoolvoorstellingen. De reden voor dit grote aantal aan shows, was dat de week voor onze aankomst er net een aardbeving was met een kracht van 7.2 op de schaal van Richter. Die had zeer veel schade aangericht, waardoor vele mensen hun huis was beschadigd of zelfs volledig vernield. Het Advance Team had dan beslist om een extra show te doen zodat we de inkomsten van beide shows integraal konden doneren aan alle mensen die hulp nodig hadden.

Met betrekking tot de twee schoolvoorstellingen was onze steun meer van een morele aard, dan louter een financiële. Zo was er bijvoorbeeld een school volledig vernield en alle studenten van die school huisden nu in een opslagplaats dat een bedrijf had gedoneerd. Meer dan duizend studenten konden op die manier alsnog hun lessen voortzetten en wij gingen daar optreden om hen te tonen dat ze er niet alleen voorstonden, dat mensen net als hen van over de hele wereld er voor hen waren en met hen meeleefden.

Maar door die voorstellingen vloog de week voorbij. Na beide avondvoorstellingen was de Host Pick Up bijvoorbeeld pas om 1:30 am, wat uiteindelijk heel vermoeiend werd. Twee van de vier voorstellingen waren dan ook in Tijuana, wat bijna drie uur rijden is vanuit Méxicali. In het geval van de schoolvoorstelling wou dat dus zeggen dat we om 7:30 am met de bus vertrokken, om te kunnen optreden om 11:30 am. Nadat de show voorbij was en na een korte lunch stapten we dan om 2:00 pm weer de bus op om terug te keren naar Méxicali, waar we om 5:30 werden opgehaald door onze Host Families. Dagen zoals deze lijken echt heel snel voorbij te gaan.

Ook de verschillende CI Sites waren heel erg uitgespreid. Buiten te helpen in Méxicali zelf, waren er ook Sites in Tecate, Rosarito en zelf Ensanada. Het was ideaal om op die manier veel mensen te kunnen bereiken en het was ook leuk voor ons om verschillende plaatsen te zien. De CI bestond voor het grootste deel uit constructiewerken, soms dingen reparen, opruimen of gewoon schilderen. Up with People is, uiteraard naast zovele andere dingen, echt de ideale schilderstraining. En om één of andere reden heb ik nu het gevoel om net zoals in een interview “(lacht)” te schrijven. (lacht) (lacht nogmaals en nu met het feit dat hij weldegelijk net “lacht” tussen haakjes heeft gezet en dat in het midden van zijn blogbericht heeft getypt).

De week was zo snel voorbij en plots was het zondag, wat een Host Family Day betekende. Hoogtepunten van een geslaagde dag waren de vernissage van de tentoonstelling van Natalia’s tekenacademie en de urenlange lunch/kookles/diner thuis. De vernissage was heel leuk en ik was heel trots op Natalia, die echt nu reeds een zeer sterk ontwikkeld talent heeft. Het is fascinerend om alle kunstwerken van leeftijdsgenoten te gaan bekijken en het verschil te zien in ontwikkeling en talent. Natalia was zonder twijfel bij de sterkere studenten, wat meestal leuk is om te zien als grotere broer.

Nadien begon thuis het grote eetfestijn. Mijn Host Mom leerde me hoe echte guacamole te maken, alsook salsa en mijn Host Dad toonde me zijn recept voor Carne Asada. Er werd gejongleerd met verse tomaten, chili’s, avocado’s, limoenen, kaas, komkommer en tortilla’s, heel veel tortilla’s. Ik was zo blij allemaal verse producten te hebben na de VS, waar de meeste groeten en fruit rechtstreeks voorgesneden uit een verpakking uit de diepvries komen.

Specialer nog was dat alle producten in huis organisch waren. Mijn Host Dad is namelijk de eigenaar van een bedrijf dat organische producten exporteert in zowel Mexico als de VS. Het was heel interessant om een week lang enkel organisch te eten en zo meer te weten te komen wat dat net allemaal exact inhoud. Ik voelde me ook gewoon een hele week echt heel goed en veel fitter dan normaal gezien, wat heel goed uitkwam met al die shows.

Ik vergat ook bijna te vermelden dat dit dus onze eerste Mexicaanse shows waren, wat telkens een groot verschil is met de VS. Niet zozeer in de manier waarop wij de dingen doen – ja, we hebben een andere volgorde voor sommige nummers en we hebben nu ook een Mexicaanse Medley in de show alsook een paar andere Mexicaanse nummers – maar het grootste verschil is het publiek en meerbepaald hun houding ten opzichte van ons.

Up with People wordt in Mexico Viva la Gente genoemd en dit is waarschijnlijk de enige plaats in de wereld waar we echte popsterren zijn. Het publiek wordt gek as we op scene komen en ze beginnen om de haverklap in het midden van de show te applaudisseren of juichen voor eender welk nummer. Na de show is het ook weer handtekeningen uitdelen geblazen, alsook foto’s nemen met uitzinnige fans. Dat is echt een heel andere ervaring en op het eerste zicht lijkt het dat de meeste Cast Members het zeker kunnen smaken. Ik wist van vorig semester al hoe het eraan toe zou gaan en ik ben gewoon heel blij terug te zijn.

Mexico is zo’n warme plaats – letterlijk en figuurlijk – en het zijn vooral de mensen die hier wonen die daar voor zorgen. Vorig semester was ieder van mijn Mexicaanse Host Families een schot in de roos en dat was deze keer weer het geval. Ik kijk uit naar de volgende vier weken die volgen en naar alle mooie dingen die we nog gaan zien, leuke dingen die we gaan doen en vreemde dingen die we gaan eten. Haaa… Mexico… ik ben zo blij terug te zijn…

vrijdag 7 mei 2010

Vrolijke vrienden

Als wij samen gaan kamperen, in het bos of op de hei, dan klinkt het wel duizend keren: vrolijke vrienden dat zijn wij! Een totaal andere richting voor onze Cast en een compleet nieuw gevoel: Up With People op kamp! Het leek alsof ik weer in de chiro zat. Er kwamen veel mooie herinneringen boven en nu was het tijd om er nieuwe bij te maken…

De Staff had beslist dat het na onze levensveranderende ervaring in de Filippijnen een goed idee zou zijn om even als groep tot rust te kunnen komen en ons zo weer wat meer verbonden te kunnen voelen. Door de omtrek van Manila en de verschillende kleinere CI groepen waren we namelijk een beetje uit elkaar gegroeid. Er waren enerzijds die banden die veel sterker waren geworden, zoals mijn Roof Top Gang en mijn CI site in het algemeen, maar tegelijkertijd leek er een soort afstand te ontstaan tussen de groepen onderling. Niet dat er bewust die beslissing werd gemaakt, het gebeurde gewoon natuurlijk. Maar daarom dus een week om te hergroeperen en ook wel een beetje om te ademen.

Biologisch gezien was dat ademen een enorm verschil. Van een grote, grijze, vervuilde, stinkende stad naar een kamp in het midden van de natuur met om je heen overal bomen, water, bergen, dieren,… Het was ongelooflijk. We evolueerden van een gezelschap kakkerlakken, muizen en ratten naar een overvloed aan vogels, eekhoorns en beren. Verder ging het uiteraard van een overmaat verkeer naar helemaal geen verkeer, wat dus letterlijk en figuurlijk een hele verademing was.

Qua woonst was het groepsgewijs niet zoveel verschil voor mij persoonlijk. Na mijn achtkoppige Roof Top Gang, kwam ik nu terecht in een blokhut met Paul (South Dakota), Gauthier (Belgium), Kyle (Minnesota), Lei (China), Dylan (Washington), Lance (Hopi), Breton (Nebraska), Paul (Florida), Sean (California) en Dave (US, zoals hij zichzelf altijd voorstelt, omdat hij constant rondtrekt en eigenlijk niet echt een vaste woonplaats heeft gehad voor een lange tijd). Dus, van acht mensen naar elf mensen. Het was met andere woorden wederom een Full House.

Het kamp bevindt zich in Forest Falls, California, waar we waren aangekomen in de luchthaven van Los Angeles. Het is gelegen in een prachtige vallei, waar een overvloed aan natuur en een gebrek aan technologie is. Fantastisch. Er was geen gsm-bereik en er was ook nergens internet te bespeuren. Wat voor mij de zesde week zonder internet betekende. Maar dat was de ideale rust. In het algemeen zien we internet als iets positiefs, maar het heeft ook een keerzijde. Ja, het is heel handig om in contact te blijven met het thuisfront en dat is een zegen. Maar het is tegelijkertijd ook een spreekwoordelijke vloek om dat er van je verwacht wordt dat je constant bereikbaar bent en het thuisfront laat weten wat er hier allemaal gebeurt.

Hoe dan ook, we kregen dus een week in een blokhut in de onmetelijke natuur om tot rust te komen en om ons terug verbonden te voelen. Dat lukte zeer goed. Buiten alle gewoonlijke Up With People activiteiten zoals Community Impact en Educational Workshops, waren er vele extra ontspannende activiteiten gepland. Het gevolg daarvan was wel dat onze “ontspannende week” uitdraaide tot dagen van acht uur ’s ochtends tot tien uur ’s avonds, maar goed, de activiteiten waren inderdaad ontspannend.

Zo hadden we bijvoorbeeld een kortfilm wedstrijd, waarin iedere CI site vanuit de Filippijnen zijn zelfgemaakte kortfilm liet zien, die enigszins uitleg gaf van wat iedere groep daar had gedaan. Er was ook een 80’s Dance Party en een basketball wedstrijd Students versus Staff. Verder was er ook een Expression Session, wat een wervelend spektakel werd. Iedereen kon zich inschrijven om iets te komen brengen voor de cast dat volledig lost stond van Up With People. Zo waren er mensen die besloten iets te zingen, origineel of niet, anderen dansten en weer anderen deden een sketch.

Voor ik het goed en wel besefte zat ik plots in drie projecten. Ik had mezelf ingeschreven om één van mijn eigen nummers te brengen. Verder werd ik gevraagd om mee te dansen in Toni’s (Arizona) project, die zelf een choreografie had gemaakt voor zes dansers, wat een overgang van moderne dans naar hip hop bleek te zijn. En uiteindelijk vroegen Laura Lynn (Nebraska), Caitlin (Wyoming) en Dylan (Washington) mij om mee te doen in hun kleine stukje semi-musical-parodie. Het was een super avond en ik kreeg nadien heel veel complimenten van verschillende mensen over verschillende dingen. De meesten waren erg onder de indruk van mijn eigen nummer, dat ik had gezongen terwijl ik mezelf begeleide op een prachtige vleugelpiano die daar als bij wonder in de zaal stond. Kort samengevat was het een memorabele avond.

De week zat er op voordat ik het goed en wel besefte en onze reis voerde ons naar onze voorlaatste stad in de Verenigde Staten, namelijk Vista, wat ook in California gelegen is. Vista is een kleiner stadje dat tussen Los Angeles en San Diego ligt. De Cast was verspreid rondom die plaats, waardoor sommigen van ons gehost werden in Oceanside, Carlsbad en gewoon Vista.

Nu, voordat we aankwamen in Vista, maakten we een tussenstop in Los Angeles, meerbepaald Hollywood. Dat zorgde uiteraard voor sensatie in de cast. Ikzelf had een fantastische tijd met twee van mijn beste vriendinnen, Caitlin (Wyoming) en Annie (Arkansas). We wandelden de volledige Walk of Fame af en maakten foto’s van en met een paar sterren die we zelf de moeite waard vonden. Zo stopten we ook bij het Chinese Theatre, waar vele beroemdheden een afdruk van hun handen en/of voeten hadden achtergelaten in een blok cement. Het was uiteraard leuk een handafdruk te proberen vinden waarin jouw hand perfect past. In mijn geval was dat Johnny Depp en Anthony Hopkins, wat zeker een aangename ontdekking was.

Na Hollywood kwamen we dus aan in Vista en ik ontmoette mijn nieuwe Host Family, die bestond uit Bonnie, een enthousiaste dame van negenenzestig jaar oud. Zij nam ons mee naar haar huis dat vol prachtige schilderijen hing, die ze zelf had gemaakt. Ik had mijn eigen kamer net als mijn Roommate Kyle (Minnesota). Kyle heeft een zeer sterke stem, wat hem een paar solo’s oplevert in de show. Daardoor kreeg onze Host Mom een soort privéconcert waarin haar twee Host Sons een belangrijke rol hadden, waar ze heel erg van leek te genieten.

Bonnie was een zeer speciale Host Mom voor mij. Ze is één uit die honderden mensen die ik ontmoet, die me bijblijft. Ik had een zeer goede connectie met haar, bijna van het begin dat ik haar leven binnenwandelde. Het voelde aan alsof er een reden was waarom ik net door haar werd gehost. Zij was voor een periode leerkracht en nadien switchte ze naar een bedrijfspositie als Public Relations Manager. In die positie reisde ze heel wat rond en ik vermoed dat het ook daar is waar ze een mooie som bij elkaar spaarde, aangezien ze reeds op achtenveertigjarige leeftijd met pensioen ging. Nadien reisde ze heel wat rond, zo was ze meerdere malen in Europa en zelfs in België, en schreef ze ook op regelmatige basis. Ze vertelde me dat ze meerdere non-fictie boeken had geschreven in de bedrijfswereld, wat ik zeer respectvol vond.

Tijdens de week zelf hadden we heel wat leuke en interessante activiteiten gepland. Zo gingen we bijvoorbeeld naar een concert van John Mayall, die ooit begonnen was met zijn eigen bandje samen met zijn goede vriend Eric Clapton. Wat belangrijker is, echter, is dat hij blijkbaar door velen gezien wordt als de vader van de Amerikaanse Blues. En nu, zevenenzeventig jaar oud, staat hij nog steeds op de planken met minstens evenveel energie als meer dan vijftig jaar geleden. Het was een fantastische nieuwe ervaring voor mij.

Verder kreeg ik ook eindelijk nog eens een portie theater, wat mij meer dan gelukkig maakte. Zo had ik het geluk naar de twee meest opgevoerde theaterschrijvers, respectievelijk Shakepeare en Ibsen, te mogen gaan kijken. De eerste voorstelling was ‘A Midsummer’s Night Dream’, die werd opgevoerd in San Diego en waarin één van mijn beste vrienden van Cast B’09 in meespeelde, namelijk Michelle (California). Michelle is een ongelooflijke actrice en zangeres en vorig jaar was het super om met haar samen te werken toen zij deel uitmaakte van de cast voor mijn Music Intern Project. Haar nu terugzien en weer met haar kunnen praten en lachen, deed me stralen, wat voor iedereen zichtbaar was. Het stuk zelf kon ik zeer goed smaken. De regisseur en dramaturgen waren met het vernieuwende idee opgekomen om het stuk te situeren in de jaren ’60 in Woodstock, wat vreemd genoeg zeer goed werkte.

De dag nadien gingen we naar ‘Ghosts’ van Ibsen en dat was een stuk dat me heel erg aansprak. De meeste mensen kennen ‘Dollhouse’, wat gezien wordt als één van de belangrijkste stukken in de theatergeschiedenis, maar ‘Ghosts’ was echt een ongelooflijk ontdekking. Ik had het nog nooit gelezen of gezien, maar ik was nadien helemaal onder de indruk. De cast bestond dan ook uit vijf uitstekende spelers en de enscenering en kostumering was voortreffelijk. Zoals volgens mij het geval zou moeten zijn bij theater had ik na de voorstelling verschillende discussies, waar ik persoonlijk heel er van hou.

Iets minder cultureel, maar zeker niet minder invloedrijk op mijn leven, gingen we op Host Family Day Legoland bezoeken! Ik transformeerde weer in die kleine overenthousiaste jongen die zijn hele leven lang met Lego had gespeeld. Het was altijd een droom geweest naar Legoland in Kopenhagen te gaan, maar dat is enorm duur en het was er uiteindelijk nooit van gekomen. Ik wist zelfs niet dat er ook een Legoland in de Verenigde Staten was, dus toen ik dat hoorde was ik uiteraard door het dolle heen. Het stelde nu minder voor dan toen ik tien jaar oud was, maar toch werd ik overvallen door een vloed van nostalgie.

Verder gingen we ook naar het Museum of Making Music, waar ik ook helemaal in mijn element was. Meer nog, het museum was opgericht door de achterkleinzoon van de heer Steinway, waardoor het museum vol uitzonderlijke piano’s stond. En hoewel er overal bordjes op de piano stonden, die zeiden dat het voorboden was de piano aan te raken, laat staan bespelen, duurde het niet lang voordat ik verrukt achter een piano zat. De twee meest memorabele waren een doorzichtige vleugelpiano, waarbij je dus alle snaren doorheen de piano kan zien en een uniek ontworpen piano uit China. Deze vleugelpiano werd Butterfly genoemd, omdat de piano inderdaad opende in de vorm van een vlinder. Ze was gebaseerd op het liefdesverhaal van de ‘Butterfly Lovers’, wat je zou kunnen zien als de Chinese versie van ‘Romeo and Juliet’.

Uiteindelijke kreeg ik ook een portie kunst, toen we het ‘Timken Museum of Art’ gingen bezoeken in San Diego. Daar hadden ze vreemd genoeg schilderijen van Rembrandt, Breughel en Van Eyck, wat me plots heel erg thuis deed voelen. Het museum bevond zich in een prachtig park, waar besloten te picknicken. Daar ben ik ondertussen een zeer grote fan van geworden en ik raad het iedereen aan om dat vaker te doen. Het is gewoon een zalig rustig moment als je je omringt met mensen om wie je geeft. Al wat je nodig hebt, is een picknicklaken, voedsel en goed gezelschap. Zo simpel is het.

Ik had veel verrijkende gesprekken met mijn Host Mom en ik weet dat ik daar nog weken had kunnen verblijven zonder ook maar een avond geen gespreksonderwerp te hebben. Het was gewoon heel rustgevend, aangezien ze uitermate intelligent is en er geen enkel gespreksonderwerp taboe bleek te zijn. Ik heb altijd veel respect gehad voor mensen met levenservaring. Toen ik als vrijwilliger in een rusthuis werkte, leerde ik zoveel bij en het deed me nog meer dan voordien beseffen hoeveel onaangeboorde en soms zelfs ongerespecteerde (levens)wijsheid er daar huist. Niet dat ik Bonnie wil vergelijken met een bejaarde, in tegendeel, zij heeft meer levensvreugd en energie dan vele mensen van mijn leeftijd.

Mijn leven hier is ongelooflijk. Letterlijk. Het is niet te geloven wat ik allemaal meemaak op zo’n korte tijd. Iedere week is ook compleet verschillend. De plaatsen waar ik ga, de mensen die ik ontmoet, de dingen die ik doe. Ongelooflijk. Ik geniet er met volle teugen van en begin langzaamaan af te tellen. In vijf en een halve week is het over. Dat betekent dus dat er nog een vierde overblijft van dit avontuur. Ik ben overtuigd er het meeste uit te halen en er het beste van te maken.

dinsdag 27 april 2010

Als jij Filippijnen zegt, denk ik…

Ethan. Het eerste dat spontaan in me opkomt. Alle beelden die tegelijkertijd in mijn hoofd opduiken. Wat een geweldige ervaring het was zo’n kleine jongen in mijn leven te zien en voelen wandelen. We hadden een onvergetelijke tijd samen. Het was dan ook zeer moeilijk om afscheid te nemen. De laatste keer dat ik hem zag, was hij trouwens aan het werken, waardoor er geen kans was om wat tijd met hem door te brengen. Ik heb een laatste beeld in mijn hoofd dat ik graag met jullie zou willen delen.

Woensdagochtend. We komen aan op Smokey Mountain. De kinderen komen met een grote glimlach op ons afgelopen. Ik ben er zeker van dat mijn gezicht straalt als ik al die lieve gezichten zie, maar toch betrap ik er mezelf op dat mijn ogen de ruige menigte scannen op zoek naar Ethan. Geen teken van hem. Ik ga ervan uit dat ik hem niet meer zal zien, dus ik zet me erover en begin duchtig met de andere kinderen te spelen. Plots, uit het niets, staat Djamel, zijn twee jaar oudere broer, naast mij met fonkelende oogjes. Ik neem hem in mijn armen, kijk rond. Niets. Maar ik ben heel gelukkig Djamel te zien en het is fantastisch te voelen dat dat wederzijds is.

Ik begin enthousiast te werken en de kinderen eten te geven terwijl ik af en toe Djamel eens de lucht ingooi. Tijdens het werk hangen er ook constant minstens vijf kinderen rondom mijn nek, middel, armen en benen, wat ondertussen zo’n gewoonte is geworden dat ik zelfs bijna niet meer merk. Het is een vreemder gevoel als er geen kinderen meer zijn. Hoe dan ook, ik ben heel gefocust op de vele wildebrassen, totdat ik plots Djamel mijn naam hoor roepen. Aangezien hij dolenthousiast klinkt, draai ik me om en kijk recht in Ethan’s ogen. Heel even staan we tegenover elkaar, voordat hij op me komt afgelopen en letterlijk op me springt. Ik zwier hem in het rond en we gieren het allebei uit.

We beginnen bijna onmiddellijk al spelend te vechten en we lopen luid lachend in het rond. Ethan, Djamel en ik, de drie ongenoemde musketiers. Maar het geluk duurt niet lang deze keer. Ethan blijft maar op mij springen en rond mijn nek hangen, maar na vijf minuten begint hij een hele uitleg te doen in Tigalik, waar ik niets van versta. Totdat hij wijst naar de andere kant van de straat, waar een jongen van een tiental jaar duidelijk op hem staat te wachten. Ethan geeft me een laatste knuffel, lacht nog eens, draait zich om en loopt weer op de jongen toe.

Ik blijf hem volgen met mijn ogen, niet goed wetend wat er nu komt en daardoor wat nerveus, maar ook gewoon lachend omdat hij om de drie meter omkijkt en me telkens een nog grotere glimlach geeft. Maar de glimlach verdween snel van mijn gezicht, als ik zie dat de andere jongen, ik schat zo’n acht jaar oud, Ethan een vuilniszak overhandigt die groter is dan hijzelf. Ze nemen beiden hun vuilniszak in de ene hand. Ehtan draait zich nog eenmaal om en hij wuift naar mij. Dan pikt hij met zijn andere hand de metalen staaf op die hij gebruikt om afval op te prikken, draait zich om en vertrekt samen met de andere jongen. En dat was het laatste dat ik van hem zag.

Smokey Mountain. Nergens anders op aarde vind je zo’n plaats. Het heeft zonder twijfel mijn leven veranderd. Ik wou dat ik het kon uitleggen, maar dat lijkt nog steeds niet te lukken. Er zijn zoveel dingen tegelijkertijd te verwerken. En mijn focus is nog steeds Ethan. Ik blijf hopen op een mail van het Verenigd Koninkrijk om me te laten weten dat ik hem mag sponsoren.

Peter Pan. Neen, dit heeft voor één keer niets te maken met mijn onvoorwaardelijke liefde voor Disney. Dat is de bijnaam die ik kreeg van de straatkinderen. Van het ogenblik dat ons busje de CI site opreed, kwamen ze van overal toegestormd en schreeuwden ze “Peter Pan! Peter Pan! Peter Pan!” (op z’n Engels uiteraard). Een meer hartverwarmende aankomst kan ik me moeilijk inbeelden.

The Roof Top Gang. Zo hadden we onszelf gedoopt, aangezien we met acht samenwoonden en bijna iedere avond eindigden op ons plat dak. Het is die groep die er elkaar heeft doorgeholpen. Ja, er waren uiteraard heel veel frustraties en iedereen had zijn moeilijk momenten waardoor het regelmatig botste, maar dat maakt de band enkel sterker. En eerlijk gezegd, is het niets vergeleken bij alle mooie en leuke momenten. Ik zal dan ook altijd een speciale band hebben met Caitlin (Wyoming), Anja (Sweden), Toni (Arizona), Candy (Bermuda), Allison (Wisconsin), Laura (Switzerland) en Michael (Belgium).

Manilla. Manilla is een gestoorde stad en het belangrijkste punt in de Filippijnen. Op vrije dagen reden we rond en zagen we andere delen van het land, maar het is niets vergeleken bij de hoofdstad. Het is een wereld op zich, alsof het een land in het land zelf is. Maar dat is het geval met zovele hoofdsteden, denk ik dan. Hier is het gewoon weer die clash tussen de twee werelden die zo duidelijk en prominent aanwezig is. Op het “platteland”, zoals ze zelf spreken over alle wat buiten Manila valt, gaat alles er veel rustiger en meer uitgebalanceerd aan toe.

Mango’s. Hét Filippijnse fruit bij uitstek. Je vindt het overal en in alle mogelijke soorten: gewoon verse mango, gedroogde mango, mangosap, mangoshakes, mangoconfituur, mangoijs,… Overal mango. En het belangrijkste: het is onwaarschijnlijk lekker! Zo sappig en vol smaak, dat had ik nog nooit ergens anders gevonden. Dat is het geval met veel fruit hier, zoals watermeloen bijvoorbeeld, maar de mango is echt fantastisch.

Verkeer. Gestoord. Onverantwoordelijk. Ongeloofwaardig. Er zijn gewoon geen regels. Je wil ergens geraken en dat wil je zo snel mogelijk doen. Dus, zoals één van mijn persoonlijke helden Niccolo Machiavelli ooit zei: “Het doel heiligt de middelen.” In het verkeer zitten zou je eigenlijk kunnen zien als een constante uitbreiding van je bijna-dood-ervaring-curicculum.

Jeepkneys. Zoals ik al had vermeld zijn dit de kleine busjes, waar je gewoon opspringt als je ergens naartoe moet en eigenlijk is dit het meest voorkomende transportmiddel. Het is dan ook vreemd dat je het enkel in dit land vindt. Als je rondkijkt zie je overal taxi’s, trycicles en dan de jeepkneys. Fascinerend en levensgevaarlijk.

Emmerdouche. Eerst vreemd en ietwat ongemakkelijk. Uiteindelijk gewoon heel leuk en grappig. Ik moet wel toegeven dat ik op zo’n moment heel blij was kort haar te hebben.

Toilet. Vaak zonder wc-bril, meestal zonder toiletpapier. Het leert je uitkijken als je een wc-hokje binnenstapt om te zien of er papier is of niet. Verder is het toch ook altijd wel een opluchting als de deur sluit.

Dat waren de eerste tien dingen die in me opkwamen. Er zijn er uiteraard veel meer, maar ik heb geprobeerd deze vraag zo spontaan mogelijk te beantwoorden en dit was dus het resultaat.

Ik wou ook even vermelden dat de shows eigenlijk heel goed gingen, hoewel de omstandigheden niet bepaald ideaal waren. Ons podium stond namelijk op een prachtige plaats, namelijk de binnenplaats van dat grote nieuwe complex dat ze nog volop aan het bouwen zijn. Aangezien het een atrium is en dus eigenlijk openlucht zou zijn, is er een enorm glazen dak over gebouwd, waardoor het natuurlijk licht kan binnenvallen.

Nu, dat zou allemaal heel leuk en mooi zijn en zo, moest de zon hier niet de hele dag schijnen, die uiteraard die ruimte ongevraagd ombouwt tot een gigantische serre. Het aircosysteem was namelijk nog niet geïnstalleerd, waardoor het binnenin echt ondraaglijk was. De zaal werd vol met grote ventilatoren en draagbare aircosystemen geplaatst, maar dat ging niet snel genoeg. Het was uiteindelijk zo erg dat er beslist werd om de matineevoorstelling af te lassen en al die mensen tickets te geven voor één van de drie avondvoorstelling. Tegen ’s avonds werd er in geslaagd de plaats te laten afkoelen, maar dat was echt onmogelijk voor een voorstelling om twee uur in de namiddag.

Hoe dan ook, we hadden nog steeds een goed gevuld programma: drie avonden, die shows. En dat was meer dan genoeg voor mijn lichaam en stem. Mijn stem had het nogal moeilijk zich aan te passen aan de Filippijnen. Enerzijds is er het weer, dan de uitlaatgassen en de onzuivere lucht in het algemeen, het gebrek aan water en dan de airco die – als ze er dan al eens is – helemaal niet goed is voor je stem. Ik denk dat ik niet meer had aangekund dan die drie shows op een rij. Maar ze gingen allemaal zeer goed en het publiek was op het randje van laaiend enthousiast, in al hun Aziatische gereserveerdheid uiteraard.

Wat me weer doet uitkijken naar het uitbundige Mexicaanse publiek en gewoon Mexico op zich, wat plots niet zo veraf meer lijkt. Net als het einde van dit semester. Tijd is zo een fascinerend iets. Je kan het niet kopen, maar je kan het wel spenderen. En ik kan je zeggen: de tijd die ik hier doormaak, is onbetaalbaar. Het zou dan ook te jammer zijn om het te verkwisten, want de tijd die je verliest, krijg je nooit meer terug.

zondag 11 april 2010

Tussen twee werelden

Het leven gaat hier voort aan een hels tempo. Het begint ’s ochtends vroeg in een taxi in het verkeer, waar je dat eigenlijk letterlijk kan nemen. Daarna volgt er een dag CI op Smokey Mountain, een promotiedag met minishows op strategische openbare plaatsen of een interne dag met educatieve workshops. Ieder onderdeel is op zich interessant en verruimend. Gewoon het feit in een totaal andere omgeving te verblijven is een leerervaring op zich.

Het hele leerproces brengt ook zeer veel gevoelens met zich mee. Vreugd, enthousiasme, dankbaarheid, maar ook onmacht, angst, verdriet en vooral heel veel frustratie. Je zou kunnen spreken van een emotionele rollercoaster en aangezien wij met z’n achten samenleven is het heel fascinerend te zien hoe iedereen die blijkbaar anders doormaakt. Sommigen beginnen aan een enthousiaste start alvorens ze aan een onverwachte afdaling beginnen, anderen storten van in het begin de dieperik in om nadien langzaam weer naar boven te kruipen en dan heb je die die blijvend over kop gaan, op en neer, zonder einde. Conclusie: samenleven is moeilijk. Maar goed, dat is dan weer iets waar je uit kan leren.

Ieder overwint ook zijn eigen angsten en frustraties. Zo zijn er bijvoorbeeld die nog steeds schreeuwen in de taxi of zelfs hun ogen gesloten houden, terwijl ik gewoon denk “Dat was op het nippertje”. Ik hou ervan naar Smokey Mountain te gaan en vind het nu reeds jammer dat er nog maar drie dagen overblijven. Er is zo’n sterke connectie ontstaan tussen die plaats en vooral de mensen die er leven. Een heel speciale band heb ik met Ethan, een jongetje van vier jaar oud. Hij en zijn broer Jarmel, zes jaar oud, zijn twee weesjes die enkel nog hun grootvader hebben. Ze lopen een hele dag rond tussen het afval en het maakt niemand iets uit wat er met hen gebeurd.

Cailtin en ik ontdekten ze voor de eerste keer toen ze naar ons stonden te kijken terwijl we andere kinderen eten gaven. Cailtin stapte op hen toe om te vragen of ze honger hadden en toen ze na heftig geknik een bord wou gaan halen in de keuken kreeg ze te horen dat we hen niets mochten geven. Blijkbaar zitten zij niet in het systeem en is het eten enkel voor de kinderen die wel zijn ingeschreven. Het deed pijn te zien hoe zij hongerig stonden te kijken naar alle kinderen die aan het eten waren. Ik ben ook pas de achtste dag te weten gekomen wat hun leeftijd was, want volgens ons zagen ze eruit alsof ze beiden drie jaar oud waren. We zijn er in geslaagd om er die dag en de volgende dagen voor te zorgen dat zij toch eten kregen. Als alle kinderen die in het programma zitten zijn komen eten, blijven er meestal nog een paar borden over en daarvan kregen we de toestemming aan hen te geven.

Nu, PCF heeft een programma dat gelijklopend is met Plan en zovele andere organisaties. Je kan een kindje sponsoren en dan zorgen zij ervoor dat het kind een kans krijgt op een betere toekomst. In het geval van PCF houdt dat in dat je voor een som van driehonderd euro per jaar “ouder” wordt van dat kindje. Wat je kind dan krijgt is het volgende: zeven uur school per dag, transport van en naar school, schoolboeken en andere benodigdheden, een schooluniform, schoenen, excursies, twee warme maaltijden per dag, een wekelijks voedselpakket voor de familie van het kind en een dagelijkse vitaminepil. Verder is het in de prijs ook inbegrepen dat je kindje gratis medische bijstand en medicatie krijgt wanneer nodig, alsook dat de hele familie ontwormd wordt en preventieve medicatie krijgt zodat je zeker weet dat je kind in een veilige(re) en gezonde(re) omgeving verblijft. Ten slotte, houdt het ook de kosten in voor een sociaal werker die regelmatig huisbezoeken doet en het kind en de familie uitleg geeft over de opties voor de toekomst van het kind.

Caitlin en ik hebben besloten ouders te worden van Jarmel en Etan. We hopen dat zij zo beide een kans hebben op een andere toekomst. Het probleem echter is dat zij niet zijn opgenomen in het systeem, omdat hun ouders ze nooit hebben ingeschreven, waardoor het lijkt dat die kinderen niet bestaan. De prijs voor een geboortecertificaat zien vele ouders namelijk als een overbodige en onnodige kost. Daarom worden er nu gesprekken gevoerd met de grootvader van Jarmel en Ethan, in de hoop dat die hen willen laten opnemen in het programma. Zonder zijn goedkeuring is dat namelijk niet mogelijk. Maar het probleem is dat zij op dit moment van nut zijn voor de grootvader aangezien zij hem helpen bij het sorteren van afval. Op dit moment is alles dus zeer onzeker, maar ik blijf hopen op een goede afloop…

Buiten het voedingsprogramma wordt er nog steeds duchtig geschilderd. De nieuwe school ziet er zeer goed uit en het is super te weten dat ze uiteindelijk duizend kinderen van op Smokey Mountain zal huizen. Zoals ik al had vermeld was er voor ons gepland dat we de eerste en tweede verdieping van de drie verdiepen hoge school zouden schilderen. Maar we zijn allen zo gemotiveerd en werken zo hard dat we uiteindelijk ook de derde verdieping reeds hebben gedaan, wat dus de laatste is. PCF is zeer tevreden zo’n sterke werkkrachten te hebben en wij zijn zeer blij hun verwachtingen te kunnen overstijgen.

Tijdens één van onze werkdagen gebeurde er plots iets afschuwelijk. We zagen één van de “huisjes” in de sloppenwijk verderop vuur vatten. Iedereen schrok en ik vreesde wat inderdaad zou gebeuren. Voor we het goed en wel beseften stonden plots tien woningen in brand en het vuur bleef zich verder verspreiden. Het duurde meer dan een half uur voordat de brandweer verscheen en op dat moment waren een heleboel huizen al herleid tot een zwart geraamte. Overal liepen mensen schreeuwend in en uit hun brandende huizen om te redden wat er te redden viel. Een uur nadat de brandweet was aangekomen was alles voorbij en we zagen hoe er van zovele huizen niets meer overbleef en er overal mensen zaten te wenen op hoopjes meubels en kleren. Die mensen waren alles kwijt. Alles. En dat was de tweede keer dat zoiets was gebeurd in een week tijd. Het was nu gewoon zo dichtbij dat we de hitte zelfs op ons gezicht konden voelen. Een schokkend en triest moment.

Buiten de dagen op Smokey Mountain zijn er dus ook de promotionele dagen waarop we minishows doen van zo’n vijftig minuten lang. Ik denk we er ondertussen negen hebben gedaan en de volgende stap is de drie dagen waarin we vier grote, volledige shows hebben van twee uur lang. De plaats waar we die shows gaan houden is nu nog onder constructie. Het is namelijk een enorm hotel met ingebouwd winkelcentrum en casino. Ik kan me inbeelden dat het vreemd klinkt om me zoveel over winkelcentra te horen praten, maar dat is hier een zeer belangrijk onderdeel van het leven. Of toch ten minste voor vijftien percent van de bevolking.

Van de tien grootste winkelcentra in de wereld vind je er namelijk drie in Manilla. Het grootste is de Mall of Asia, waar wij hebben opgetreden. Ik dacht dat de Mall of America gestoord was, maar het is echt niets vergeleken bij dit. En hoewel ik het een walgelijke wereld en idee vind, moet ik toch toegeven dat het ergens iets ongelooflijks is dat ik heb opgetreden in de Mall of Asia. Het aantal mensen dat je daar vind, is ook gewoon belachelijk. Ik heb nog nooit zoveel mensen tezamen in een winkelcentrum gezien.

Ik hier ook een nieuw fenomeen ontwikkeld, wat volgens de medische verantwoordelijke van onze Cast wordt omschreven als een paniekaanval. De eerste keer dat we in zo’n plaats waren kreeg ik plots precies geen adem meer. Het enige wat ik zag waren mensen, overal mensen en het geluid was oorverdovend. Alsof er een voetbalmatch bezig was en mensen hun team aan het toejuichen waren. Het was gestoord. Opeens kwam het gevoel alsof ik werd platgedrukt en ik begon te beven en kreeg geen lucht meer. Daardoor werd ik plots draaierig en even leek het alsof ik zou flauwvallen. Dat is sinds dan nog een paar keer gebeurd, maar toen wist ik ten minste wat het was en ze hebben mij ene paar dingen uitgelegd die ik op zo’n moment moet doen, wat echt helpt. Maar ik ben blijkbaar ook niet de enige met dat probleem. Het is gewoon zo overdonderend voor ons allemaal. Maar goed, dat is dan weer een ervaring extra, denk ik dan.

De shows zelf gingen allemaal zeer goed. Het Aziatisch publiek is zeer vriendelijk en gereserveerd enthousiast. Je kan aan de gezichten zien dat ze van de show genieten en ze beginnen ook meerdere malen applaus te geven, soms zelf in het midden van een nummer. Maar je ziet ze nooit opspringen of schreeuwen of beginnen dansen. Dat is het grote verschil met Mexico, waar iedere show een feest losbarst. Maar dit is nu eenmaal een deel van de cultuur en het is zeer interessant om voor zo’n diverse soorten publiek te kunnen staan.

Qua inhoud vind ik de show ook beter dan vorige tour. De productie zit veel strakker en beter, waardoor de show een betere dynamiek heeft. Voor mij is het ook een grote eer om zoveel solo’s te mogen hebben. Ik heb op dit moment reeds iedere mannelijke solo in de show gezongen en doordat we roteren krijg ik telkens iets anders te doen, waardoor het interessant blijft voor mij. Tot nu toe heb ik wel telkens de show geopend, wat ik heel erg apprecieer aangezien ze die persoon heel veel verantwoordelijkheid geven. Alles begint met één stem en de band. Daarmee staat of valt alles. Een enorme eer om dat te mogen doen. Verder ben ik ook net als vorig jaar nog steeds Loveboy in onze tien minuten durende Love Medley, wat een zeer leuke rol is om te spelen, zingen en dansen.

Maar op dit moment betekent de show minder voor mij. Ik geef veel meer om de CI die we doen of de educatieve sessies die we hebben. Hoe dan ook, het is een deel van het programma en voor mij opnieuw het besef en het bewijs dat dit echt de ideale combinatie is voor mij. Ik heb altijd willen mensen helpen, reizen, mijn hele leven leren en op een podium staan. En hier kan ik dat allemaal tegelijkertijd doen. Het is een fantastische tijd. Ik ben ook zo druk bezig dat het soms lijkt alsof er niets anders meer is buiten dit.

Ik ben mijn ouders heel erg dankbaar voor alles wat ik van hen heb geleerd. Dat besef ik nu meer dan ooit. Zij maakten me sterk en zelfstandig waardoor ik dit nu kan doen. Ik heb hen niet nodig om dingen voor mij te doen of om me goed te doen voelen. Dat kan ik zelf. Ik mis hen ook niet, in tegenstelling tot zovele mensen hier die hun ouders wel missen. En dat is niets negatiefs. Ik denk aan hen, met een glimlach op mijn gezicht, omdat er nu eenmaal dingen zijn die me aan hen doen denken. Maar ik heb niet het gevoel van gemis of eenzaamheid of het gevoel dat ik nu bij hen zou willen zijn. Neen, ik ben nu waar ik moet zijn. Het is exact deze plaats. En ik ben zo blij dat ik geweldige ouders heb die me de kans hebben gegeven dit te kunnen doen. Als jullie dit lezen: dankjewel moeke, dankjewel pappie, voor al jullie steun en liefde, dankjewel.

En niet enkel mijn ouders. Dankjewel ook aan mijn broer en zusjes, mijn grootouders en de rest van mijn familie. Iedereen die er altijd voor me was en me dit gunt, dankjewel. Ook mijn beste vrienden. Ik wou dat jullie dit ook konden meemaken en ik kijk er naar uit thuis te komen en zoveel met jullie te kunnen delen. Bedankt ook iedereen voor alle lieve mails en sorry dat ik niet altijd de tijd vind om te antwoorden. Tot slotte wou ik alle mensen bedanken die een dag hebben gekocht en op dit moment in het bijzonder alle mensen die een dag hebben gekocht dat ik in de Filippijnen zit. Ik stel iedereen voor om eens te gaan kijken op mijn kalender (dat doe je door op de link ‘Koop de Dag’ te klikken) waar je zal zien dat iedere dag van deze vijf weken volledig is uitverkocht. Het is fantastisch. Dankjewel iedereen voor jullie hulp en steun.

De situatie waarin ik me bevind doet me ook beseffen wat een geweldige groep mensen er thuis op me zitten te wachten. Ik zit namelijk nog steeds met de ongemakkelijke Host Family situatie. De enige manier waarop ik het kan beschrijven is dat het lijkt alsof ik tussen twee werelden zit. Een niet bepaald aangenaam gevoel.

Enerzijds heb ik de wereld waar ik grotendeels in leef. Overdag werken op de grootste afvalberg van de wereld en ’s avonds bezweet en vol verf thuiskomen in ons klein appartementje waar we met ons achten verblijven. Geen werkende douche, een slaapkamer met een airco systeem dat het constant begeeft waardoor het zelf ’s nachts vijfendertig graden is en een bed dat specialist is in het bezorgen van nek-, schouder en rugpijn. Verder is het vuil en hebben we een uitgebreide collectie huisdieren, zijnde kakkerlakken, muizen en ratten. Maar het belangrijkste is dat we elkaar hebben.

Anderzijds is er die andere wereld. Onze Host Dad komt ons, meestal onaangekondigd, ophalen voor een avondje “plezier”. Hij neemt ons mee naar zijn Rotary Club of één of andere vereniging waar hij deel van uitmaakt en vraagt ons dan om daar een soort minipresentatie te geven van wat wij zijn of doen. Op zo’n momenten lijkt het alsof we worden geshowd als zijn nieuwe exotische huisdieren. Of hij neemt ons mee naar een belachelijk chic restaurant. En dat terwijl we thuis alles zelf moeten betalen: wc-papier, drank, eten, handdoeken,… Ik zou liever wat basisdingen krijgen, dingen die we nodig hebben, in plaats van al die onnodige luxe. Tijdens Pasen had hij bijvoorbeeld beslist dat we naar zijn vakantiehuisje zouden gaan aan zee. Er is uiteraard heel veel zee, aangezien de Filippijnen eilanden zijn, maar er was één bepaald strand waar hij een huisje had en dat hier bekend is als het mooiste strand.

Dus de vrijdag van het paasweekend vertrokken we met een soort minibus die hij gehuurd had op weg naar een tweedaagse aan zee. We reden zo’n vijf uur en kwamen aan op onze bestemming. Een vakantiehuisje dat vier keer zo groot is als mijn huis thuis, met een aanpalend ander huis waar de chauffeur, de kok en de meiden zouden verblijven. Onze Host Dad had ook een andere familie uitgenodigd, die ook een Host Family waren, namelijk voor Kimia (Maryland), Yukari (Japan) en Margaux (Belgium). We waren in totaal met zo’n veertigtal mensen, die dus allemaal een bed hadden in dat enorme huis met vier verdiepingen.

Aan het huis was ook een soort garage waarin twee speedboten, twee jetski’s, een bananenboot, een pedalo, kajaks en nog allerlei ander “speeltuig” stond. Die garage gaf uit op de “tuin”, wat eigenlijk een privéstrand was, dat op zich uitgaf op een prachtige baai vol helder water. Het leek de ideale plaats voor een droomvakantie. Alleen, stond op dat moment mijn hoofd er niet echt naar. Het was zo verwarrend. Het was helemaal niet wat ik wou of waarom ik hier gekomen was. Maar in plaats van tegen te werken en iedereen zijn geluk te verbrodden, heb ik mijn best gedaan om rustig mee te doen. Ik heb ook vooral de tijd genomen voor mezelf, om gewoon wat in de zon te liggen en te lezen en schrijven, zodat ik al die gevoelens en gedachten kon ordenen in mijn hoofd.

Al bij al was het een ontspannende tweedaagse, maar ik was vreemd genoeg zeer blij terug in ons kleine appartementje binnen te stappen. Het voelde aan alsof we thuis waren. Ook al hebben we hier niets van de luxe die daar wel was. Het voelt gewoon juister aan nu. Hoe dan ook, ik denk dat het wel duidelijk is dat het een eerder ongewone situatie is, waarin ik me bevind. Maar, wederom, het is iets waaruit ik kan leren. Alles gebeurt om een bepaalde reden. Dus als ik hier ben, dan wil dat zeggen dat ik hier moest zijn.

We kregen een ander citaat mee vorige week, die ging als volgt: “Als het je niet aanstaat, verander het dan. Als je het niet kan veranderen, verander je houding dan.” Dat was een zeer bruikbaar citaat hier, maar ook gewoon overal en in alles wat ik doe.

Up With People is echt een levensveranderende ervaring. Ik kan niet wachten om te zien wat er nog volgt en tegelijkertijd besef ik dat het eigenlijk al bijna over is. De tijd gaat zo snel. Binnen een week zit de Filippijnen erop. Dan zitten we twee weken en een half in de Verenigde Staten om nadien voor vijf weken México in te trekken. Er zijn inderdaad nog maar zo’n twee maand over. Het is ongelooflijk. In alle mogelijke betekenissen van het woord.

zondag 28 maart 2010

En we zijn in de Filippijnen!

Jawel, ik heb de vijfentwintig uur durende reis overleefd. Na een busreis van Naperville naar Chicago, een vlucht van dertien uur naar Seoul (de hoofdstad van Zuid-Korea), een wachttijd van vier uur in de luchthaven en uiteindelijk een vier uur durende vlucht naar Manila was het zover. Hoezee! We kwamen om 1:00 am de luchthaven uitgewandeld en werden lieflijk gestreeld door de zachte nachtbries van zo’n dertig graden Celcius. Ik was volledig klaar voor dit grote avontuur.

Tijdsprong.

Montevideo was zeer kort, maar dat hield gewoon in dat er geen enkel saai of niet leuk moment was. De show ging zeer goed, de zaal was op een tiental mensen na uitverkocht, maar het was vooral de CI die ongelooflijk was. Ik werd samen met vijf mede Uppies uitgekozen om een klein CI project te doen in een middelbare school voor probleemkinderen. Het was een alternatieve privéschool, die jongeren die uit het schoolsysteem waren gestapt alsnog een kans wou geven om hun diploma te behalen. Leeftijd was dan ook niet zo belangrijk, waardoor je studenten had van twaalf tot tweeëntwintig jaar oud. Het maakte ook niet uit wat je achtergrond was of wat de reden van je keuze was, zolang je maar je diploma wou behalen.

Wij werkten met de hele school, die om praktische redenen werd opgesplitst in vier groepen van verschillende leeftijden, zodat wij uiteindelijk vier sessies na elkaar hadden. Tijdens zo’n sessie met een groep hadden we groepsgesprekken en discussies met hen alsook een paar andere activiteiten. Als afsluiting speelden we telkens een paar nummers akoestisch, wat een nieuw concept is dat we meer proberen uit te werken met UWP. Het geeft heel goed om een groepje van vijf tot tiental Cast Members ergens te laten spelen met enkel een gitaar, een boxdrum en een shaker. Het maakt alles zeer authentiek en integer, het is veel dichter bij het publiek en de muziek die je creëert is puur op een manier die je moeilijk krijgt in een grote show. De muziek is trouwens geen UWP muziek tijdens zo’n ‘Unplugged Sessions’, wat het ook leuk maakt voor de performers, aangezien het voor wat afwisseling zorgt qua liederen.

Tijdens de korte tijd dat je met een groep studenten doorbrengt, kom je te weten dat ieder van hen in die school is om totaal uiteenlopende redenen, maar allemaal hebben ze dezelfde motivatie, namelijk dat diploma halen. Er waren tienermoeders, drugsverslaafden, alcoholici, mishandelde jongeren met psychologische problemen, ex-gedetineerden, jongeren die zijn weggelopen van huis,… In die school hoeven ze niets uit te leggen, ze mogen gewoon zijn wie zij willen zijn en moesten ze dat willen, is er psychologische bijstand voorzien, maar dat is geen verplichting.

Het fascineerde me te zien hoe we tijdens een activiteit te weten kwamen dat bijna iedereen dacht dat alle studenten gelijk behandeld werden, ongeacht hun geloof, etniciteit of geaardheid. Ze zagen zichzelf als een familie, waarin iedereen respect had voor iedereen. Ieder van hen had zijn of haar eigen verhaal en zijn eigen problemen en daarom vonden ze dat niemand het recht zou mogen hebben anderen te beoordelen. Ze zagen in dat er een heel groot verschil was met de middelbare school waar ze waren uitgestapt of gezet, omdat er daar zoveel groepjes werden gevormd en je altijd moest proberen ergens in te passen. Hier was iedereen gewoon zichzelf en dat was goed zo.

Na Montevideo voerde de reis ons naar onze laatste stad in de VS alvorens we aan ons Aziatisch avontuur zouden beginnen. Die stad was Naperville, vlakbij Chicago in Illinois en even oud als België. Mijn Host Parents waren Tom en Nancy en ze hadden een aanbiddelijke drieling van elf jaar oud, zijnde Daniel, Jason en Megan. Het is één van die families waar je zeker en vast wil naar terug keren, waar je geen afscheid van wil nemen. We hadden zoveel plezier en zo weinig slaap. De ideale combinatie. Of zoiets. In elk geval een tijd die ik nooit zal vergeten.

De eerste avond kamen we – zijnde Toño (México) en ik – aan en maakten we kennis met de overenthousiaste drieling en onze ouders, waarna we redelijk vroeg in bed kropen na een vermoeiende Travel Day van dertien uur op een bus. Maar de volgende avond was het feest. Letterlijk. Onze familie had afgesproken met hun beste vrienden, twee andere koppels die ieder op hun beurt ook Host Family waren. De ene familie had Veronica (Sweden) als Host Daughter en de andere had Arnab (Bangladesh) en François (Canada) als Host Sons, waardoor het ook een beetje leek alsof dat drie extra Roommates waren voor mij en Toño.

Ons trefpunt was een voortreffelijk Italiaans restaurant – het was het meeste Italiaanse dat ik ooit had gegeten in de VS – waar we een hele tijd doorbrachten voordat we naar Veronica’s huis gingen. Daar kropen we allemaal samen in de “muziekkamer”, waar een vleugelpiano en een buffetpiano staan, alsook een drumstel, bongo’s, een basgitaar, een collectie gitaren, een trompet, een viool en nog een heleboel andere instrumenten. Ik was in de zevende hemel! Alleen al het feit dat mensen zoiets hebben als een muziekkamer. Het was beter dan in de films. Daar hebben we urenlang gejamd, aangezien we het geluk hadden dat ieder van ons een muzikant en/of zanger bleek te zijn. Het feestje duurde tot 1:30 am en met spijt moesten we afscheid nemen van het leuke gezelschap.

Het zou echter niet lang duren voordat we elkaar weerzien, aangezien het de volgende avond feest was bij de Host Family van Arnab en François. Ook daar was een muziekkamer met alweer een vleugelpiano, dus het feest barstte los. Er waren ook een heleboel andere mensen zoals bijvoorbeeld een meisje dat voor ons een klein optreden Ierse dans gaf, wat ze al jarenlang volgde. Ik wou ook even vermelden dat dat feest plaatsvond in een kasteel van een huis, met zeven slaapkamers, vijf badkamers een viertal woonkamers, een enorme keuken, verschillende zitplaatsen en een voordeur waarvan ik me afvroeg hoe ze die ook maar konden maken, laat staan transporteren. Rond 3:00 am verlieten we het kasteel omdat we toch een beetje slaap nodig hadden voor de volgende dag.

Die dag, zaterdag 13 maart, was namelijk een belangrijke dag voor ons, aangezien we met UWP meeliepen in de St Patrick’s Parade. Het was een heel leuke gebeurtenis en van ons werd verwacht dat we om de vijf minuten begonnen te dansen en zingen. Op het einde gaven we een klein optreden voor de burgemeester. Om één of andere reden deed het hele gebeuren me denken aan de Carnavalstoet in Aalst met een klein optreden voor Prins Carnaval. Heel grappig en vooral heel leuk.

Naperville was trouwens heel druk qua optredens. We hadden een show op zaterdag en zondag, die beiden bijna uitverkocht waren. Zaterdag was er dan de parade waarmee we heel veel mensen tegelijk bereikten. Tot slotte hadden we vrijdag en maandag twee minishows in scholen. Heel leuk, maar ook heel vermoeiend voor mijn lichaam en specifiek mijn stem.

Zondag, na de show, was de eerste keer dat we wat vrije tijd hadden, dus besloten we met ons zevenkoppig gezin naar Chicago te trekken. Na een half uurtje rijden was het eindelijk zover: Pieter in Chicago! Chicago, the Windy City, the Second City, de oh zo fantastische theaterstad. Ik genoot met volle teugen. We hadden nog geprobeerd tickets te kunnen bemachtigen voor ‘A Chorus Line’, maar dat speelde op zondag enkel als matinee voorstelling, net als onze eigen show… Maar niet getreurd, dat was meer tijd om de stad te bezichtigen. Zo zag ik bijvoorbeeld de wereldberoemde Willis Tower, de voormalige Sears Tower, alsook het Chicago Theater. We eindigden een fantastische familieavond met de bekende Chicago Style Pizza – wat eigenlijk meer een quiche dan een pizza lijkt te zijn – en dat beviel me zeer goed. Ik wil sowieso terugkeren naar Chicago, niet enkel voor de stad, maar ook vooral voor mijn geweldige Host Family en mijn goede vriend Timothy (Illinois) die ik eindelijk terug zag na ons gezamenlijk avontuur met Cast B’09. Het was een zoveelste hartverwarmend weerzien. Dat er nog meer mogen volgen…

Voordat we het goed en wel beseften brak de laatste avond aan en we sloten de fantastische tijd af met, jawel, een feestje, deze keer bij ons thuis. Ik had heel veel plezier en tegelijkertijd spijt dat ik moest afscheid nemen. De drieling waren onvergetelijke Host Siblings en ik kijk er naar uit te weten wat zij uiteindelijk later gaan doen. Ze deden me ook heel erg mijn eigen broer en zusjes missen. Vooral Lynneke (die nog even twaalf jaar oud is, dus dat mag ik nu nog altijd zeggen), die echt Megan’s beste vriendin had kunnen zijn. Ze hebben zoveel gemeen dat ze me telkens aan Lynn deed denken.

Maar het eerste deel van onze Amerikaanse tour zat er dus op en we sprongen op het vliegtuig naar de Filippijnen, waar we nu al een tijdje verblijven.

Manila, hoofdstad van de Filippijnen en één van de meest gestoorde plaatsen waar ik ooit ben geweest. Ik dacht bij mezelf: dit is Mexico, maar dan erger. Het verkeer is bijvoorbeeld niet zomaar een jungle, maar een doodstrijd tussen een kudde vleeseters in diezelfde jungle. Regels zijn onbestaand. Soms bestaat er wel een lijn in het midden van de baan, maar het is blijkbaar een nationale sport om die te overschrijden en dus even spookrijder te spelen om de wagen die voor je rijdt voorbij te steken. Ik heb al meerdere keren gedacht dat we eraan zouden gaan, maar ach ja, het is een culturele ervaring.

We zitten er ook elke dag middenin, aangezien we allemaal het openbaar vervoer gebruiken. Manila is zo’n grote stad dat sommigen onder ons – waaronder ikzelf – meer dan anderhalf uur verwijderd zijn van de afspreekplaats. Voor het dagelijkse transport zijn we allen aangewezen op het gebruik van taxi’s, die ook wel semiprofessionele zelfmoordterroristen zouden kunnen genoemd worden. Maar het is ook heel vernieuwend om de Jeepknees alsook de Tricycles te zien voorbij razen. Een Jeepknee is een soort minibusje dat zo laag is dat je bijna op je knieën zit en een Tricycle is een motorfiets met een aanhangwagen aan en nog vele andere planken zodat zoveel mogelijk mensen zich met één voertuig kunnen verplaatsen.

Het klimaat is warm tot zeer warm tot zelfs heet. Minstens dertig graden Celcius (ik zeg dat nu omdat dat goed klinkt, maar ik denk niet dat we dat al gehad hebben, buiten ’s nachts dan misschien) en maximum zo’n veertig graden. Althans dat krijg ik toch te horen en dat had ik opgezocht voordat ik naar hier kwam, want het is zeer moeilijk hier een thermometer te vinden. Ik voel het in elk geval, maar daarom is het niet altijd negatief. Het lijkt één van die uitzonderlijke zomerdagen in België waarvan we er misschien heel af en toe zo’n drie hebben, maar hier is het dan altijd zo. Hoe dan ook, dat stoort me niet zo erg als de vochtigheidsgraad, die hier bijna onnatuurlijk hoog is. Maar goed, ook daar raak je gewoon aan.

Het voedsel bestaat uit rijst, rijst en soms ook rijst. Ontbijt, middagmaal, avondeten. Rijst. Ik ben zeer tevreden, het is een grote stap voorwaarts in vergelijking met al die frieten in de VS. Neen, in het algemeen ben ik heel tevreden met het eten dat ons wordt voorgeschoteld. Soms vraag ik me wel eens af wat ik nu net aan het binnenspelen ben, maar ik heb al geleerd dat ik dat beter achteraf vraag, als mijn bord volledig leeg is. Sommige dingen zijn echter moeilijk te camoufleren. Eén van de typische Filippijnse delicatessen is bijvoorbeeld Balut.

Balut is een bevrucht ei dat na zo’n vijf tot twintig dagen (soms ook vroeger of later) wordt gekookt en dan opgegeten. Hoe gaat dat in zijn werk? Je opent het ei zoals je dat zou doen met een hard of zachtgekookt eitje bij ons en drinkt eerst het eiwit op, wat nu een soort vloeistof is dat je best beschouwt als kippensoep. Waarom? Nadien begin je aan het eigeel, wat op dat ogenblik al half ontwikkeld is tot een kuikentje. Het is alsof er een kleine kip in je ei zit, dat nog steeds voor een deel vast hangt aan het eigeel. De bedoeling is dat je dat gewoon in je mond steekt en er een stuk van afbijt, waarbij je soms hier en daar een reeds ontwikkeld beentje voelt kraken of je de textuur van de veren in je mond voelt. Je bent met andere woorden een half ontwikkeld embryo van een kip aan het opeten. Aangenaam is anders. Maar hier is het een heel normaal ding en de lokale bevolking zweert erbij dat dit je kracht geeft. Voor Uppies duurt het gemiddeld tien minuten voordat er in geslaagd wordt het volledige ding binnen te spelen om toch die culturele drempel te overschrijden, voor Filippino’s duurt het misschien vijf minuten waarin ze er zo’n drie tot zes opeten.

De bevolking is een minder leuk verhaal. Er is heel rijk en heel arm. Punt. Niets tussenin. Er zijn blijkbaar wel tussenniveaus in de rest van het land, maar in Manila vind je enkel de extremen. En ik zit daar middenin. Het lijkt alsof ik op de eerste rij zit voor een stuk dat nooit had mogen geschreven worden, maar nu toch seizoen na seizoen hernomen wordt, waardoor het spijtig genoeg één van die Broadway musicals wordt die eeuwig blijft opgevoerd worden.

Aangezien we hier met UWP vijf weken verblijven, was de enige optie voor ons om rijke Host Families te hebben. Het klinkt als ervaring veel interessanter om bij de arme bevolking te verblijven, maar het is simpelweg irreëel dat die mensen ons vijf weken lang kunnen onderhouden, laat staan ons van eten zouden kunnen voorzien. Daarom krijgen we dus de andere kant te zien: The Rich and (not so) Famous.

Toen ik aankwam zeiden verschillende Staff Members me dat ik een geweldige tijd zou hebben, omdat ik samen met wat andere studenten bij één van de rijkste mannen in Manila zou verblijven. De nieuwsgierigheid rees en er werden uiteraard veronderstellingen gemaakt. Stom. Maar toch heeft een mens meestal de normale reactie dingen te gaan verwachten. Nu, we kregen tijdens onze vergadering te horen dat ik samen met zeven (!) andere studenten in één woning zou verblijven. Die man was inderdaad één van de rijkste mensen. Mijn Roommates waren Caitlin (Wyoming), Anja (Sweden), Candace aka ‘Candy’ (Bermuda), Toni (Arizona), Laura (Switzerland), Allison (Wisconsin) en Michael (Belgium). Feest!

Onze Host Dad kwam ons ophalen met een gloednieuwe wagen die hij drie weken geleden had gekocht “omdat zijn zoon hem dat gevraagd had” en een andere wagen die door zijn chauffeur werd bestuurd. Wederom: Feest! Soms is het leuk als dingen worden bevestigd. Als we hem in de auto vragen wat hij doet als job, luidt het antwoord: “Oh, ik ben eigenaar van meerdere ondernemingen. Meer niet.” Oké dan. Meer niet. Zijn huis? Een belachelijk groot paleis, waarin alles een vaste plaats heeft waardoor het iets weg heeft van een museum. Mijn Roommates waren vooral onder de indruk van de bioscoop in zijn huis en zijn vijf luxewagens, ik was vooral gechoqueerd door zijn drie dienstmeisjes die alles doen in huis. Je mag ook zeker niets zelf doen anders lijkt het alsof je ze beledigd. Tafel dekken, eten maken, tafel afruimen, afwassen, de was doen, zelfs een glas uit de kast nemen om er cola in te gieten. Afschuwelijk. Maar blijkbaar is dat nu eenmaal de manier hoe de zaken hier verlopen. Hoe dan ook, het was niet echt een probleem voor mij om me te adapteren, aangezien dat zowat het enige was dat ik zou zien van die levensstijl.

Onze Host Dad voerde ons naar onze verblijfplaats, wat dus niet zijn “residentie” zou zijn, omdat er daar volgens hem “niet genoeg plaats was voor ons allemaal”. Wij zouden verblijven in twee aanpalende appartementen, één voor de jongens en één voor de meisjes, die gelegen zijn in één van de vele gebouwen die hij bezit. Dat was een kleine verrassing aangezien het decor er net iets anders uitzag.

We hebben geen internetaansluiting, geen computer, geen televisie, geen telefoon, geen microgolfoven, maar dat is niets vergeleken bij een niet werkend toilet of douche. Onze douche bijvoorbeeld is een emmerdouche. Hoe gaat dat in zijn werk? In de “badkamer” – waar dus geen bad staat, voor alle duidelijkheid – is een tegelvloer met een kraan waaronder een lege vuilnisemmer staat. De bedoeling is dat je die opvult met water – koud water uiteraard – en nadien met een steelpannetje er water uitschept en over je giet. Het is een hele ervaring en ik daag iedereen uit het thuis eens te proberen.

In ieder appartement hebben we dus een “badkamer” en een keuken met een koelkast en vele lege kasten. In de slaapkamer staan twee stapelbedden en een ventilator die nu reeds uitgeroepen is tot meest waardevolle object. Maar het meest geliefde plekje is ons platdak, waar we iedere avond met ons achten opkruipen en urenlang praten, lachen, zingen en dansen. En dat toont opnieuw aan dat het niet uitmaakt waar je bent of in welke omstandigheden je leeft, zolang je er maar bent met mensen die om elkaar geven. En dat is in deze situatie zeker het geval.

De reden waarom wij acht zijn samen geplaatst, is omdat wij allen samenwerken op dezelfde CI site, namelijk Smokey Mountain. Ik heb inderdaad het geluk dat ik die CI site heb gekregen en dat daar ik nu veertien dagen lang mag werken, wat een ongelooflijke en onvergetelijke ervaring is. Eerlijk gezegd, is het op dit moment nog zeer moeilijk om exact te zeggen hoe ik me voel, aangezien ik zoveel impressies tegelijkertijd te verwerken heb. Daarom hou ik het nu liever bij een beschrijving van wat ik zie en meemaak.

Smokey Mountain is inderdaad een berg bestaande uit tonnen afval en het compostproces maakt dat de temperatuur zo hoog is dat de berg regelmatig vuurvat, waardoor er van overal rook opstijgt. Nu, die berg is reeds kleiner dan tien jaar geleden. Vele organisaties hebben samengewerkt zodat ze de berg beetje bij beetje konden wegwerken, wat zeer goed is. En er zijn niet zoveel families meer die weldegelijk op de berg zelf leven. Maar wanneer men over Smokey Mountain spreekt, bedoelt men de omgeving rondom, de omgeving die nu geen berg meer is, maar ooit wel was. Dat is eigenlijk niet zo’n groot oppervlak, maar op die plaats, hoe groot of klein ook, zie je het armste van het armste.

Eigenlijk weet ik niet waar te beginnen. Het schrijven van dit bericht verliep vlot, tot nu.

Kijk, wat ik kan zeggen is dit: iedere dag zie ik afval, afval, nog afval, meer afval en tussenin hier en daar een mens. Ik zie vuil, modder, afvalwater,… waarin kinderen spelen. Een persoon die een hele dag afval zit te sorteren, dag na dag, in de snikhete zon. Mensen die me voorstellen een hondenhok binnen te stappen, gemaakt van karton, golfplaten, zeilen,… om dan te horen te krijgen dat dit hun huis is waar ze met negen wonen. Ondervoedde naakte of halfnaakte kinderen waarvan je zo alle beenderen kan tellen omdat ze zo mager zijn, maar tegelijkertijd hebben ze een buik alsof ze een voetbal hebben opgegeten. Prachtige glimlachende gezichten, met ontrekende of zwarte tanden en vliegen op hun mond of ogen. Ik wandel iedere dag in een National Geographic documentaire en besef dat ze die documentaires meestal mooier maken omdat ze dan waarschijnlijk esthetisch interessanter zijn. Maar dit is pure en harde realiteit. Niets meer. Dit is hoe het is.

Velen hebben geprobeerd de situatie te veranderen en allen hebben ze beseft dat je zoiets groots niet zomaar kan omschakelen in een maand tijd. Ook wij weten dat. Maar we zien dat de situatie aan de betere hand is, dat mensen van over de hele wereld willen samenwerken om een blijvende positieve evolutie te kunnen waarmaken. En ik ben zo dankbaar daar deel van te mogen uitmaken.

Op Smokey Mountain werken wij samen met een organisatie die de Philippine Community Foundation (PCF) heet. Deze organisatie doet verschillende dingen tegelijkertijd voor Smokey Mountain. Ten eerste, zijn ze simpelweg sociale werkers die met de mensen praten en hen informatie geven over hoe ze hun leven kunnen veranderen. Ten tweede, hebben ze een educatief programma, waarbij ze in een klein lelijk, oud gebouw een schooltje hebben met een heleboel leerkrachten. Hiermee bereiken ze nu reeds zo’n vierhonderd leerlingen, wat dus stuk voor stuk kinderen zijn die in de sloppenwijken op en rondom Smokey Mountain wonen. Ten derde, hebben ze een klein hospitaal opgericht dat zich toespitst op kinderen en vrouwen. Ze zijn dan ook heel trots op hun bevallingsafdeling, waar het voor vele vrouwen de eerste keer is dat ze niet thuis bevallen. Ten vierde, is er ook een algemeen gezondheidsprogramma, waarbij ze proberen zoveel mogelijk mensen te bereiken met informatie en medicatie voor ziekten die hier veel voorkomen, zoals bijvoorbeeld longontsteking, parasieten, tuberculose en vele andere ademhalingsproblemen. Ten vijfde, is er een voedingsprogramma, wat inhoudt dat ze iedere dag tweehonderdvijftig mensen voedsel geven. Honderdvijftig kinderen en honderd zwangere vrouwen en senioren. Daarvoor worden de kinderen om de twee dagen gewogen – wat me uiteraard deed denken aan mijn omi die dat wekelijks doet als vrijwilliger – zodat PCF hun gegevens kan bijhouden om te zien of ze een positieve evolutie maken in hun lichaamsgewicht. Het is volgens mij overbodige informatie te vermelden dat de meeste kinderen een ondergewicht zijn.

Het is geweldig werk dat ze verrichten, maar wat het beste deel is aan de gehele organisatie is dat ze werken met de lokale bevolking. De organisatie zelf heeft een werknemersaantal van zesenzeventig betaalde mensen en meer dan driehonderd vrijwilligers. En al die mensen leven zelf op de Smokey Mountain site, wat dus wil zeggen dat zij niet enkel hun eigen mensen helpen, maar dat er daardoor uiteraard ook zovele jobs worden gecreëerd. Het feit dat er ook zoveel vrijwilligers zijn, vind ik ongelooflijk. Voor het voedingsprogramma bijvoorbeeld zijn er vijf moeders van de site die iedere dag om 5:00 am opstaan om in een keuken van PCF aan het ontbijt te beginnen. Het zijn zo’n lieve dames, maar het trieste voor mij is om te zien hoe op een bepaald punt hun eigen kinderen zich komen aanmelden omdat ook zij deel uitmaken van het voedingsprogramma. Uiteraard beseffen zij als geen ander hoe belangrijk dit initiatief is.

Wij helpen afwisselend met verschillende aspecten van hun uitgebreid programma en in het bijzonder met hun nieuwste project. Na jarenlang zoeken naar sponsors, is uiteindelijk de stap gezet om een nieuwe school te bouwen die duizend studenten van Smokey Mountain zal huizen. Zij zitten nu in één van de laatste fases van het bouwproces en wij helpen hen bij het schilderen van twee verdiepingen. Het is super dat ze zo’n project op poten hebben kunnen zetten, want hierdoor krijgen onmiddellijk duizend kinderen een kans op een betere toekomst. Een pluspunt zijn de vele werkgelegenheden, maar vooral het feit dat zovele kinderen hierdoor hopelijk hun leven een andere draai kunnen geven en hopelijk daardoor ook hun familie kunnen helpen.

Het is natuurlijk niet het meest leuke werk, maar als je denkt aan hoe je bijdraagt aan iets blijvend, is dat een hele motivering. Tussenin doen we ook nog altijd de andere dingen en dit in kleinere groepjes. Zoals ik al had vermeld in mijn vorig blogbericht, zijn we voor deze CI site met vijftien studenten. Tien daarvan schilderen en de vijf anderen, wat een roterende groep is, doen andere opdrachten zoals gaan werken in de school, het ziekenhuis of de keuken. Zo heb ik bijvoorbeeld meegeholpen met het voedingsprogramma. Drie uur lang heb ik de ene boreling na de andere eten gegeven en tussenin met zoveel mogelijk van hen gespeeld en met hun moeders gesproken. Het waren drie van de beste uren van mijn leven. De ouders en kinderen hebben misschien niets, maar het zijn de meest vriendelijke en dankbare mensen, die me meer geven dan zovele anderen die alles hebben wat ze nodig hebben.

De korte tijd dat ik tot nu toe hier verblijf heeft een enorme impact op mijn leven gemaakt. Ik kijk er naar uit verder levens te blijven beroeren en te voelen hoe ondertussen het mijne wordt beroerd als nooit tevoren.

Tot slot, wou ik nog zeggen dat ik dus geen toegang heb tot het internet. Dit is de eerste keer dat ik ergens een draadloze verbinding heb en dan wel in één van de chicste en grootste winkelcentra van niet enkel Manila, maar de hele wereld. Het spijt me heel erg dat ik niet meer kan publiceren op mijn blog, want dit is tot zover de meest interessante periode van mijn reis en leven. Maar zoals jullie kunnen zien, blijf ik ondertussen schrijven wanneer ik kan en hopelijk vind ik zo nu en dan nog eens internet zodat ik mijn schrijfsels dan snel op het net kan gooien.